Amsterdam, zondag-Sunday 19-05-13

15.23
Een nacht en een dag doorgebracht, gehuld in een soort akelige schemertoestand. Deze conditie, die zich nu en dan herhaalt, heeft te maken met de vreemde en unieke situatie waarin ik gevangen zit. Samen met drie anderen. Hierover uitweiden  of zelfs een oppervlakkige uitleg verstrekken, zal meer wolligheid scheppen dan duidelijk, dus ik laat het na – blijft de noodzaak om te gaan met deze geloofscrises, deels wegens het niet begrijpen van boodschappen in de vorm van codes of als visuele schijnbewegingen. Een vriend, die wind kreeg van mijn instorten, mailde me met zijn advies: “Vertrouw op wat jij als de waarheid kent en blijf bij de les.”
D.: ik heb het gered.

Iemand die bovengenoemde unieke omstandigheid deelt is zojuist uit de kast gekomen. Een enorme opluchting. Maar ik had het al opgepakt, de allereerste seconde waarop ik hem onder ogen kreeg – bekrachtigd door zijn ongeziene boodschap aan mij. Die gelegenheid verschijnt nog, scherp en gedetailleerd,  op mijn netvlies. Oké, worden we nu *Will & Will and Grace*? Ik herinner me mijn opluchting ten lange leste, hoe, voordat wij onze vriendschap hernieuwden, de bibliothecaresse mij er voorzichtig van op de hoogte bracht dat G. gay was. Waarop ik reageerde: “O God zij dank, nu hoef ik hem nooit te zien met een ander wijf!”  Ze sperde haar ogen wijd open, niet begrijpend. Hoe kon zij weten wat ik wist, dat ik de enige vrouw was, en nog steeds ben trouwens, waar  G. op valt? Trouwens, toen we elkaar voor het eerst ontmoetten, in 1985, kwam niet eens bij me op dat hij homo zou zijn, aangezien hij geen geheim maakte van zijn fascinatie (en geilheid) voor mij. Mijn getuige was M., die met haar scherpe ogen en niet minder scherpe perceptie de magnetische spanning tussen mij en G. had opgemerkt.

20.08
Ik ben opgetogen. Wat een geweldig Pinkstercadeau, F. is homo! Ik ben werkelijk opgetogen. Heb ik me zitten af te vragen… veronderstel, het nieuws bereikt de wereld dat de Messias op dit ondermaanse rondgaat , dat het een vrouw is, dat haar echtgenoot homo is en dat het andere lid van hun menage a trois ook homo is, met haar als hun enige uitzondering. Wat zal er gebeuren? Zoek naar dekking?

22.15
Voor de rest: de hele dag binnen gebleven, het weer was niet het niet waard om buiten iets te gaan doen – schieten zonder zon is zoiets als je haar doen zonder haar – en afgezien daarvan, ik had besloten om mijn skinny jeans aan te doen ‘s ochtends al, en die zorgen voor koude benen bij temperaturen lager dan 15 Celsius en de thermometer toonde…. veertien.

0.05
Het Help Forum is op een vreemde manier onbemand. Feitelijk zijn ik en nog twee andere helpers de enigen. Gelukkig komen er alleen vragen binnen van het eenvoudiger soort, ha! Ik kan me niet herinneren dat het forum zo leeggelopen was, doorgaans worden de nieuwe hulpverzoeken die boven aan de lijst verschijnen door tenminste vier helpers letterlijk besprongen.

ENGLISH

15.23
Spent a night and a day enveloped in some sort of awful fugue. This condition, which reoccurs from time to time, has to do with the strange and unique situation I am trapped in. Together with three others. Expounding on this, or even a superficial explanation will create more fuzziness than clarity so I shan’t do so – leaves me to cope with these crashes of faith, in part due to misunderstanding messages which come as codes or as visual feints. A friend, getting wise to my crash, mailed me to hand me this advice: “Trust what you know as truth and hang on in there.”
D.: I made it.

Someone who shares the above mentioned unique situation just came out of the closet. A huge relief. But I had already picked it up, the very first instant I laid eyes on him – enforced by his unseen message to me. That occasion still shows up, sharp and detailed, on my mind’s eye.  Okay, so this makes us “Will & Will and Grace”. I remember being so ultimately relieved when, before we renewed our acquaintance, the librarian informed me gently that G. was gay. To which I responded: “Oh thank God, now I’ll never need to see him with another woman!” She opened her eyes wide, not understanding. How could she know what I knew, that I am the only woman he wanted to cruise, and still does for that matter? In fact, when we first met, in 1985, it never even occurred to me he might be homosexual,  since he made no secret of his fascination (as well as horniness) for me. My witness was M., who, with her  sharp  eyes and no less sharp perception had noticed the magnetic tension between me and G.

20.58
I am elated. What a great present for this Pentecost, F. is gay! I am really elated. I have been wondering… suppose word reaches the world that The Messiah is on this sublunary, that it’s a woman, that her husband is gay and that the remaining member of their menage a trois is gay as well, with her as the only exception. What will happen?  Look for cover?

22.15
For the rest: stayed indoors all day, the weather didn’t amount to anything worth going out for – shooting without sun is like doing your hair without hair – and apart from that, I had decided to put on my skinny jeans right in the morning, and they make for chilly legs with temperatures lower than 15 Celsius and the thermometer showed…fourteen.

0.05
The Help Forum is strangely unmanned. In fact the only one around there to help out are myself and two  others. Luckily it’s the easier questions that keep coming in, ha! I can’t remember the Forum  being so emptied out, mostly there’ll be at least four helpers pouncing on any new help query posted at the top of the list.

Amsterdam, zaterdag-Saturday 18-05-13

13.55
Tenslotte heb ik de sprong gewaagd, uit iemands nachtmerrie gestapt. Al die tijd wist ik dat het zijn nachtmerrie betrof maar om de een of andere reden werd ik gedwongen om ervan te getuigen, daarbij nogal wat klappen gekregen terwijl hij bezig was zichzelf om de oren te slaan – dacht net iets te vaak dat de mijne de zijne waren. Dit omschrijft zo ongeveer de situatie. Maar is nu afgelopen. Althans mijn deelname. Mensen die om mij geven steken mij een hart onder de riem. Helemaal vanuit Californië.

Waarbij ik me nu afvraag: zal hij af komen met zijn uitnodiging deel te nemen aan zijn….droom? Of anders als sollicitant voor een rol in mijn eigen droom?

Op de radio kleppen mensen over onbelangrijke onderwerpen, kennelijk vinden zij zichzelf grappig, onderhoudend, gevat, leuk, pienter, wat dan ook, maar man, wat een zeikerig zootje. Ondertussen demonstreren mensen in Amsterdam voor het welzijn van de varkens en in Praag poetsen vrijgezellen hun seksleven op in speciaal daartoe ingerichte treincoupés.  Deze berichten conform de feitelijke waarheid.

Om mezelf verstandiger bezig te houden dan hier te zitten en als verdoofd voor me uit te staren, zou ik net zo goed in de voetsporen kunnen treden van een of ander beroemde schrijver. Waar ging hij heen? Hij ondernam  een reis  door zijn kamer. Iedereen aan boord…. daar gaan we! Mijn ogen nemen mij mee naar een schilderij van mijzelf als eerste bestemming, rechts boven mij, aan de zilveren wand. Het laat mij zien als vierjarige, zoals ik vanaf het doek de wereld  in kijk met ernstige ogen, grijs en vasthoudend. Mijn haar, een kort bob model. heeft een groenige weerschijn. Ik herinner mij dat ik hiermee kwam, rechtuit: “Mijn haar is verkeerd, het ziet er groen uit maar het is geel.” Er kwam nog enige overredingskracht aan te pas om mij te laten poseren. Tenslotte stemde ik toe, maar een betrouwbare bron rapporteerde dat ik mijn voorwaarde stelde: “Ja, ik wil wel op het plaatje maar alleen als ik er straks ook weer af  kan.” Van dit laatste is toe nu toe nog niets gekomen.

Volgende halte: de lei die aan een touwtje om een spijker hangt, onmiddellijk onder het schilderij. Deze lei  is zo’n ouderwetse rechthoekige exemplaar, een zwart oppervlak gevat in hout. Het gladde oppervlak bevat tekst: “10-09-12 DAG! Tot morgen”, daaronder: “22-09-12 Tot morgen”, en de derde regel: 1-3-13 DAG!”
Sinds die ene dag, waarop mijn moeder, dement en bedlegerig, verblijvend in een zorgcentrum, naliet mijn gebruikelijke afscheid waarmee ik mijn bezoek besloot, te honoreren met een wedergroet, begon ik ze op te schrijven; tot deze actie gedreven door de wetenschap dat ze op een dag haar laatste afscheid zou hebben uitgesproken – misschien wegens haar dood, maar daarvoor al omreden van haar falende spraak. Zoals we kunnen zien,  toont de lei 1 maart 2013 als de laatste keer dat ze in staat was mij gedag te zeggen, tot nu toe. Wanneer ik naar die lei kijk word ik vervuld van droefheid. Toch aarzel ik om hem te verwijderen.
Het lijkt het best om dat leitje te verlaten om verder te gaan naar de volgende halte: mijn camera. Daar staat hij, op zijn hoofd op het blad van mijn rood houten keukentafel. Een NikonD90. Hij heeft zichzelf een fijne metgezel betoond, altijd gretig om mee uit schieten  te aan, altijd hulpvaardig, een vermogen voor twee  hele weken, niettegenstaande een hele hoop hard hard werken – hij fantastisch om  vast te houden, een stevig lichaam maar toch niet zwaar, enorm bereidwillig, klaagt nooit, een geweldig oog en laat me nooit in de steek. Wat kun je je nog meer wensen? Afgezien van een gozer met net zulke trekken.

Tegen deze tijd zijn we aanbeland op mijn tafel, zoals gezegd, een rood houten keukentafel. Ofwel hij verdient zijn naam omdat hij speciaal werd ontworpen om in een keuken te worden geplaatst, of anders noem ik hem zo vanwege het feit dat hij bij mij in de keuken staat, of, mogelijkheid nummer drie: dat wij in dit land veel keukens uitgerust zien met tafels van deze bepaalde vorm en formaat. Wat het eenvoudigste is wat je je maar kunt indenken voor wat betreft tafels: een rechthoekig blad, vier vierkante poten aan de vier hoeken, verbonden door steunen waarop het blad van massief dik hout rust. En rood! Helemaal rood, een helder vrolijk rood.
Laat me beginnen te zeggen dat ik mijn hele leven al van een rood houten keukentafel had gedroomd, precies zoals die waaraan ik nu zit te typen op het toetsenbord van mijn laptop. Van tijd tot tijd kwam het verlangen naar de begeerde tafel op, om weer te af te zakken eenmaal voorbij het stadium van fantaseren, daadwerkelijk het Net afzoekend voor dit type tafel – veel webpagina’s passeerden mijn struinende oog maar ze vielen nooit op *die* bepaalde tafel die stevig en zonder te wijken voor een andere op mijn netvlies stond.
Op een dag geviel het dat ik, terug naar huis fietsend vanuit de stad, een fata morgana gewaar werd, pardoes midden op de stoep aan mijn rechterhand. Ik hield stil, stapte af, zette mijn fiets op de steun en benaderde behoedzaam de fata morgana, zonder mijn ogen ook maar één seconde af te wenden. Uiterst voorzichtig strekte ik mijn hand uit om het heldere rode hout van mijn droom keukentafel aan te raken. Echt, hij was echt, hij lost niet op toen mijn vingers het glanzende hout liefkoosden. Ik voelde een vreemde gewaarwording door mijn hersens gaan, mijn voeten tintelden en mijn handen trilden. Enkele ogenblikken lang stond ik daar, in trance. Toen kwam ik weer bij mijn positieven, dit was  een stoffelijke tafel, geen product van mijn verbeelding of een vorm ontstaan door thermische gecomprimeerde hete lucht. Dus: hoe krijg ik hem thuis? Want mijn (ja, hij was al van mij) tafel en ik waren van mijn flat gescheiden door twee en een halve kilometer straat, de tafel mat een behoorlijk stuk meer dan een meter aan de langste zijde, waarschijnlijk 75 centimeter aan de kortste en hij had de standaardlengte van keukentafels, zo rond de 75 centimeter. Na wat geprakkizeer meende ik dat ik hem wel thuis zou kunnen krijgen, op de bagagedrager van mijn fiets geladen, vlak achter het zadel… maar hoe kreeg ik hem daarop?
Een man met een angstig dunne whippet verscheen  om de hoek – ik liet het beestje schrikken toen ik zijn baasje overviel op een directe, bijna brute wijze: “Mijnheer, wilt u mij alstublieft even helpen om deze tafel op mijn fiets te krijgen, dank u!” terwijl ik hem aankeek met mijn breedste glimlach en ogen die zeker geen *nee* als antwoord hadden geaccepteerd op dit omgekeerde aanbod wat hij niet zou kunnen weigeren.
Bereidwillig bond hij de whippet aan een boom en samen slaagden we erin om de tafel op de bagagedrager te krijgen, bovenkant onder, de vier poten strijdlustig in de lucht. Staand naast mij fiets, mijn linkerhand aan het stuur, daarbij de tafel in evenwicht  houdend met mijn rechter, dankte ik hem uitvoerig en begon aan mijn reis huiswaarts, mijn fiets besturend als een schip. Die twee en een halve kilometer waren lang, heel lang, er scheen geen eind aan te komen. Maar mijn krachten hielden het, ofschoon ik verbaasd was dat mijn rechterarm niet werkelijk losliet door de schiere  spanning benodigd om de zware tafel in balans te houden op zijn smalle roest.
Eindelijk schoot ik een vuurpijl af in de lucht toen ik daar dan stond, voor de hoofdingang van mijn flat blok. Maar nu? Hoe kreeg ik de tafel van de fiets af, in de lift, naar de tweede woonlaag, om hem vervolgens te vervoeren over vijftig meter galerij, om hem dan mijn volgepropte gangetje in te manoeuvreren, en van daaruit in the volle keuken, waar trouwens al zijn voorganger stond?
Een man die ik herkende als mijn buurman, zes deuren verderop aan de galerij, kwam de hoek om. Hij zag mij daar staan, zweet op mijn voorhoofd, rode gezwollen handen en met een vreemd licht in mijn ogen. “Aha!” riep hij uit, “Je hoeft niks te zeggen, jij hebt ergens langs de route een tafel meegenomen… laat mij je een handje helpen.”

Drie kwartier later was de oude tafel teruggebracht tot een setje onderdelen en het nieuwe rode Wonder stond trots op zijn plaats, de Koning van al ‘s werelds keukentafels, omkranst door een stralende  aura, zichtbare trillingen gingen ervan uit in alle richtingen.
Ik dankte mijn buurman en nadat ik  hem had uitgelaten, nam ik plaats aan mijn Wonder, mijn handen met de palmen naar beneden devoot naast ekaar op het blad gelegd. En het was January 2008 en het was Drie Koningen.

ENGLISH

13.55
I have finally made the break. removed myself from someone else’s nightmare. All along I knew it to be his nightmare but for some reason I was forced to be a witness, taking quite a few of the blows as he was boxing his own ears, mistaking mine for his all too often.  This about sums it up. But now ended. At least my participation.  People who care for me are supporting me, giving me a heads up.  All the way from California.

Which leaves me to wonder: will he come around to invite to partake of his…. dream? Or else to beg for a role in my own dream?

On the radio people are yacking about irrelevant subjects evidently thinking themselves to be funny, entertaining, smart, cute, bright, whatever, but man, are they a boring bunch. Meanwhile in Amsterdam people march for the welfare of the pigs and in Prague singles are brushing up their sex life in special trainsections intended precisely for that. These messages in accordance with the factual truth.

In order to busy myself  in a more sensible way than just sitting here feeling dazed I may as well follow  in some famous writer’s tracks. Where did he go? He undertook a journey through his room. All aboard…. here we go! My eyes take me to a painting of myself as a first destination, above me to the right, hanging to the silvery wall. It portrays me, a four year old, gazing from the canvas into the world with serious eyes, gray and steady. My hair, a fairy short bob, shows a greenish glow. I recall objecting when the painting was finished, pointing out point blank: “My hair is wrong, it looks green but it’s yellow.” Getting me to pose took some cajoling. In the end I consented but a reliable source reported me to have  stated my condition: “Yes, I will go on the picture but only if I can get off later.”  The latter hasn’t worked out to this day.

Next stop: the slate hanging from a piece of string looped around a tack, directly under the painting. This slate is one of those old fashioned rectangular models, a black surface framed in wood. There’s text on the smooth surface: “10-09-12 DAG! Tot morgen”, underneath that “22-09-12 Tot morgen” and the third line: “1-3-13 DAG!”
Since that particular day, when my mother, demented and bedridden, residing  in a carecenter, omitted reciprocating my ususal goodbye to conclude my evening visit, I started writing them down; driven to this action by the knowledge that one day she would have phrased her very last goodbye – perhaps through death, but before that due to the power of speech failing her. As we can see, the slate shows March 1, 2013 as so far the last time she was able to bid me goodbye, in Dutch “dag”. Looking at that slate fills me with sadness. Yet I do hestitate to remove it.

It seems the wisest to leave that slate, continueing for the next stop: my camera. There it is, standing on it’s head upon the surface of my red wooden kitchen table.  A Nikon D90. He has shown himself to be a fine companion, always eager to go out shooting, always helpful, power that holds out for  twee whole weeks notwithstanding a great deal of hard hard work – he is great to hold, a sturdy body yet not heavy, immensely cooperative, never complaining, a great eye and never lets me down. What more could one wish? Apart from a guy with the same characteristics.

By this time we have landed on my table, as said, a red wooden kitchen table. Either it deserves its name because it was expressly designed as a table to be put in a kitchen or else I call it that because of the fact that it is standing in my kitchen or else, possibility number three: that in this country we see many kitchens  fitted out with tables of  this particular shape and size. Which is the very simplest you can imagine as far as tables go: a rectangular  top, four squared legs at the four corners  connected by the rests to hold the top of solid thick wood. And red! All over, a bright cheerful red.
Let me begin to say that all my life I had been dreaming of a red kitchen table, exactly like the one I am seated at now, typing on my laptop’s keyboard. From time to time my desire for the coveted table would rise , only to subside once past the stage of fantasizing, actually searching the Net for this type of table – many webpages passed my scrounging eye but they never ever brought up *that* particular table which stood firm to never make place for any other on my mind’s eye.
Then it came to pass that one day as I was cycling home from downtown I perceived a fata morgana, right in the middle of the pavement to my right. I halted my bike, stepped off it, set it on the parking rest and slowly approached the fata morgana, not once turning my eyes away from it. Ever so cautiously I stretched out my hand to touch the bright red wood of my dream kitchentable. Real, it was real, it did not dissolve as my fingers caressed the shiny wood. I felt a strange sensation coursing through my brain, my feet tingled and my hands trembled. For a few moments I stood there, entranced. Then I collected my wits about me, this was a material table, not a figment of my imagination or a form shaped by thermal compressed hot air. So: how to get it home? For between me and (already) my table and my flat lay two and a half kilometers, the table measured well over one meter at the longest side, presumably 75 centimeters at the shortest and it had the standard height of kitchen tables, some 75 centimeters. I figured I could get it home, loaded  onto the back carrier of my bike, right behind the saddle…but how to get it up?
A man with a frighteningly thin whippet rounded the corner – I scared the creature when I descended upon its master in a direct, almost brutal way: “Sir, please give me a hand getting this table on my bike, thank you!”, looking at him with my widest smile and eyes that surely would not accept *no* for an answer to this inverted offer he couldn’t refuse.He obligingly tied the whippet to a tree and together we somehow got the table onto the carrier, its top down, the four legs defiantly rising up in the air. Standing beside my bike, holding the handlebars with my left hand, steadying the table with my right, I thanked him effusively and embarked upon the voyage home, steering my bike like a boat. Those two and a half kilometers were long, very long, there seemed no end to them. But my strength held out, although I was surprised my right arm did not actually drop off from sheer tension needed to steady the heavy table on its narrow perch.
Finally I shot an imaginary flare into the skies when there I stood, before the main entrance to my flat block. So now? How to get the table off of the bike, into the elevator, to the second floor, to then transport it along a fifty meter stretch of gallery, to then manoeuvre it into my cluttered corridor and from there into the cluttered kitchen, which already held its predecessor?
A man whom I recognized as my neighbour, six doors further down the gallery, rounded the corner. He saw me standing there, sweat on my brow, red swollen hands and a strange light glowing in my eyes. “Ah!” he exclaimed, “Don’t tell me, you picked up a table somewhere along the way… lemme give you a hand.”

Three quarters of an hour later the old table had been dismantled into a set of parts and the new Red Miracle proudly stood in its place, the King of all the world’s kitchen tables, surrounded by a shimmering aura, visible vibrations emanating from it in all directions.
I thanked my neighbour and after I had shown him out, sat down at my Miracle, my hands,  palms down,  devotely side by side on its surface. And it was January 2008 and it was Epiphany.

Amsterdam, vrijdag-Friday 17-05-13

12.00
Ik hoor de personen, verantwoordelijk voor het weerbericht, ons zon en 20 Celsius beloven gedurende het weekend. Maar *Buitenradar* laat grote grijze wolken op dezelfde dagen zien. In welke zak zitten de knollen?

Gisteravond vond er een (onverwachte) ontknoping plaats van een kwestie, die zeg een jaar heeft geduurd, tussen mij en een zeker ander, ofschoon geheel online.

Meer nieuws vanavond.

20.23
Wat is dit? Een of ander groepje activisten, hier in ditzelfde Holland, zijn bezig handtekeningen te verzamelen opdat zij hun pleidooi ter discussie kunnen aanbieden in het parlement. Welk pleidooi voor welk doel? Om het oudste beroep uit te roeien! Zonder dollen, dit zootje apologeten, die opereren onder een of ander flauwekul humanitarisme  willen het zo dat betalen voor seks een strafbaar feit wordt. *Fair dinkum*,  zoals de Aussies het zeggen. Jezus Christus, is dat niet de beste manier om het zo te plooien dat prostitutie uit het zicht verdwijnt, rechtstreeks ondergronds, waar de hele show nog duisterder is dan ooit tevoren? Kijk, er zijn twee soorten prostitutie: het goede soort en het slechte soort. Het eerstgenoemde wordt belichaamd in het goede oude slechte bordeel, waarover een madam de wijze scepter zwaait, zij eist gezondheidsonderzoeken, alleen meisjes boven-18 mogen komen werken en ze stelt een stel klerenkasten aan om de klanten in het gareel te houden. Het eerste soort wordt ook belichaamd door het klassieke pooier-hoer model waarbij de pooiers hun vrouwen runnen en er ondertussen op toezien dat het district de agenten geen reden tot klagen geeft. Ik herinner mij de jaren zestig toen de Amsterdamse Wallen zo ongeveer de veiligste buurt van de stad was, heus waar. Elk schoolmeisje kon daar rondlopen midden in de nacht zonder dat haar ook maar één haar werd gekrenkt.
Het laatste soort, dus het slechte soort, wordt vertegenwoordigd door geheime *clubjes*, waar de blik van de politie niet reikt… met inbegrip van een aantal neveneffecten, zoals vrouwenhandel, minderjarigen het leven inlokken, drugshandel, gokken en andere onwettigheden.
Aangezien de natuur sterker is dan de leer, is dit de oplossing: de instelling van gelegaliseerde bordelen met vergunning in het stadshart. Onderwerp deze aan een maandelijkse inspectie. Vervolg illegale prostitutie door hen die geen vergunning daartoe bezitten en beboet de verkopers, niet de kopers! Reden: het  moet volwassen burgers toegestaan worden om voor zichzelf te beslissen of zij seks willen kopen, net zoals ieder persoon een automobiel mag aanschaffen, vooropgesteld dat zij voldoende geld in de knip hebben.
Waarschijnlijk begrijpen deze apologeten het niet helemaal. Zoals wel meer zaken niet echt worden begrepen. Het is te hopen dat geen enkele regering dit pleidooi serieus zal nemen. Al neemt de  betutteling van de burger, tegenover de absurde vrijheid die hun akelige onopgevoede kinderen genieten, hand over hand toe.

Voor de rest nog nieuws mevrouw? Nou…eigenlijk vrij weinig. Afgezien dan van dingen die ik met goed fatsoen niet kan onthullen, de eerder genoemde ontknoping. Niet naar de sportschool geweest, schande, maar geklooid met dumbells, hier in de keuken, *geplankt* gedurende twee hele minuten en er in geslaagd om de *paard* pose aan te houden, 120 seconden lang.  Een enorme pan wortels gekookt, die dreigden om te komen. Dus dat wordt mijn ontbijt morgen: gekookte wortels vergezeld van twee zoute haringen.

ENGLISH

12.00
I heard those in charge of the weather forecast promising us sun and 20 centrigrade during the weekend. But the online “Shower radar” displays huge gray clouds on the same days. On what side is the con?

Yesternight the (unexpected) denouement took place of an issue, ongoing for say a year, between me and a certain other, although entirely online.

More news tonight

20.23
What is this? Some group of activists, right here in Holland, are collecting signatures so as to be able to offer their plea  for discussion in parliament. What plea to what end? To wipe out the oldest profession! No kidding, this bunch of apologists, operating under some namby pamby idea of *humanitarianism* want to get it so that paying for sex will be an actionable offense. Fair dinkum, as the Aussies have it. Jesus Christ, isn’t that the very best way of getting things so that prostitution will disappear from sight, straight underground, where the whole show is more shadowy than ever before? Look, there’s two kinds of prostitution: the good kind and the bad kind. The former is embodied in the good old bad old legitimate brothel, presided over by a Madam who wields the scepter wisely, demanding health checkups, allowing only over-18 girls and engaging a couple of gorillas to keep the customers in check.  The former is also embodied by the classic pimp-whore model with the pimps running their women and meanwhile seeing to it that the district is not giving any trouble to the cops. I recall the sixties when the Amsterdam Red Light district was just about the safest in town, no kidding. Any schoolgirl could walk around there in the dead of night and no would dare to lay a finger on her.
The latter, so the bad kind, is represented by secret setups, well away from police scrutiny…. involving any number of side effects, like white slavery, tricking minors into the trade, drugdealing, gambling, and other offenses.
Seeing that nature will always be stronger than the book, this is the solution: put up legalized brothels carrying a permit in the center of the city. Have them inspected on a monthly basis. Prosecute any illegal prostitution carried out by those who do not possess a permit to do so and fine the sellers, not the buyers! Reason: any adult should be allowed to decide for themselves whether they wish to buy sex, just like any person is allowed to buy an automobile provided they have enough dough in the bank.
Likely these apologists do not quite understand the matter. As many more affairs are not really understood. It is to be hoped that not one govermnet will take this plea serious. Although the nannying of the civilian, as opposed to the absurd liberty their godawful illbred kids enjoy, is gaining ground rapidly.

Any other news lady? Well…. not really. Apart from things which I can’t very well divulge, the mentioned denouement. I did not visit the gym, shame, but fooled around with dumbells, *planked* for a solid two minutes and managed to stay put in the *horse* pose for 120 seconds. Cooked a huge pot of carrots on the verge of rotting. So that will be my breakfast for tomorrow: cooked carrots accompanied by two salted herrings.

Amsterdam, donderdag-Thursday 16-05-13

10.05
Het valt me op hoe mijn computer zijn kalmte bewaart wanneer hij het moeilijk heeft – een benijdenswaardige eigenschap, wou dat ik die had, vooral wanneer hij het moeilijk heeft.
( Uit de publicatie  van bovenstaande mag de lezer concluderen dat *hij* opnieuw is ontsnapt aan de zoveelste aanslag op zijn leven met een hamer.)

En voort gaan wij, op de golven van de dag. Tot straks.

19.15
In mijn brievenbus voor de fysieke post – trouwens, dit gebruik van het woord fysiek, om een en ander te onderscheiden van de digitale vorm, komt mij voor als echt vreemd en iedere keer dat ik het moet gebruiken voelt het…nu ja, raar aan – ik zie *fysiek* als uitsluitend van toepassing, direct of indirect op het menselijk lichaam en niet op dingen in het algemeen of objecten – om digitale dingen te onderscheiden van niet-digitaal zou ik liever het woord *stoffelijk* gebruiken – echter, *stoffelijke post* klinkt ook niet al te acceptabel – het zou meer in de lijn der logica liggen om een bijvoeglijk naamwoord toe te voegen aan elektronische post, die het ons  mogelijke maakt, aldus gedefinieerd, om te verwijzen naar *fysieke* post als simpelweg *post* – in laatste instantie voldoet *concreet* helemaal niet - oké, waar zijn we gebleven… herhaal: in mijn brievenbus voor de fysieke post vond ik een brief van de gemeente, die wilde weten of ik wenste mee te doen aan het *Grote Groen Onderzoek *. Je zou je werkelijk afvragen wat voor onderzoek dat wel mag wezen, het klinkt exotisch.
Na doorlezen blijkt het te gaan om de wensen van de Amsterdammers met betrekking tot openbare parken in en rond de stad. Ik zal de leiding van het Grote Groen Onderzoek teleurstellen, ik zal niet meedoen. Om een aantal redenen. Een daarvan is mijn droefheid om de *Grote Groen Verwoesting*  over heel Nederland. Eens was dit landje een Juweel: groen alom, weilanden, draslanden, uitgestrekte zandgronden begroeid met heide, wilde boomgaarden, weelderige wouden, sprankelende rivieren die het groene land doorsneden, bloemrijke oevers, weiden gevuld met grazende koeien, golvende heuvels aan de zuidelijke grenzen, gezellige stadjes verstopt in heuvelplooien, karakteristieke boerderijen in het noorden, vissersdorpjes als parels langs de kust van die binnenzee, de Zuiderzee, met een open verbinding naar de Noordzee.
Dus wat is er over van het Grote Groen na de Grote Groen Verwoesting? Wat we nu hebben kunnen wij het Kleine Groen noemen, en het is doorspekt van autowegen,  nieuwe woonwijken ontworpen door architecten die hun verbeeldingskracht delen met robots, omgeven door horizonnen met aangekoekte rechthoekige grijze structuren, elke kant die je op kijkt zie je ze, gevoelloos en dwars – de Zuiderzee werd vol gekieperd met klei en zand, om tenslotte op een pizza te lijken vol groene vulling in kaarsrechte rijen, *afgemaakt* met wrede zwarte wegen, schrikaanjagend recht en eindeloos, op regelmatige afstand boerderijen als blokkendozen en natuurlijk de uitgerekte schuren waarin zombie vee wordt vastgehouden achter slot en grendel. De overgebleven stukjes groen worden voortdurend bedreigd door  project ontwikkelaars, spoorwegmaatschappijen en andere opwellingen der “beschaving”. Dit is droefheid. Niet te verzachten door de gecombineerde inspanningenvan het *Grote Groen Onderzoek*, ongetwijfeld gericht op het neerzetten van een paar extra banken ten behoeve van de bejaarde bezoekers aan de gemeentelijke parken zowel als een overdosis  geafficheerde berispingen om dit niet  te doen en dat na te laten

ENGLISH

10.05
It strikes me how my laptop retains its cool whenever it struggles – an enviable quality, wish I had it, notably when it struggles.
(From  the publication  of the above the reader may conclude that *it* has escaped yet another assasination attempt with the hammer.)

And onward we go, on the waves of the day. See you later.

19.15
In my mailbox for the physical mail – by the way, this usage of the word physical, to distinguish this or that from the *digital* form strikes me as really odd and every time I need to  use it, it feels, well, odd – I see *physical* as solely applying, indirectly or directly, to the human body and not to objects or things in general  - to distinguish digital stuff from the non-digital I would rather choose the word *material* – however *material mail* doesn’t sound too acceptable either – it would have been more in the line of logic adding an adjective to electronic mail, which, thus defined, would enable us to simply refer to *physical* mail as *mail*  - as a last resort, *concrete* will not do at all – okay, so where are we…. repeat: in my mailbox for the physical mail I found a letter from the council, inquiring whether I wished to participate of the “Big Green Investigation”. One may indeed wonder whatever kind of investigation such may be, it sounds quite exotic.
On a read-through it appears to concern the people of Amsterdam’s wishes regarding the public parks in and around town. I shall disappoint the management of the Big Green Investigation, I shall not participate. For a number of reasons. One of them being my sadness about the *Big Green Devastation* in all of The Netherlands.  Once upon a time this little country was a  gem: green all over, meadows, wetlands, sprawling sands grown with heather, wild orchards, luscious woods, sparkling rivers bordered by green, flowery banks, pastures filled with grazing cows, rolling hills down at the southern borders, cuddly towns tucked away in the folds, characteristic farms up north, fishing villages dotting the coast line of that inland stretch of sea like pearls, the Zuiderzee, with an open connection to the North Sea.
So what is left of the Big Green after the Big Green Devastation? What we have now we may call the Little Green, and it is riddled with highways, and new townships designed by architects who share their imagination with robots, surrounded by horizons encrusted with gray rectangular edifices, every way you look they are there, stolid and unyielding – the Zuiderzee was plunked full of clay and sand, to eventually resemble a pizza with green filling in arrow straight rows, topped off by roadways, terrifyingly unbending and endless, at regular intervals farms like blocks and of course the elongated sheds housing locked up zombie-cattle. The remaining patches of green are constantly threatened by project developers, railroad companies and other fancies  from “civilization”. This is the sadness. Not to be mitigated by the combined efforts of the *Big Green Investigation* , no doubt aimed at putting up a couple of extra benches for the elderly visitors to the municipal parks as well as an overdose of posted admonishments to not do this and leave out doing that.

Amsterdam, woensdag-Wednesday 15-05-13

09.47
Ik ben tot een definitieve conclusie gekomen: hou op met griepen over dat kijkcijfers dingetje op Flickr. Voor iedere keer dat ik daar over de schreef ga zal ik voor mezelf een boete uitschrijven van een hele euro. Ik heb nu net het Winnie de Poeh spaarvarken in het volle zicht gezet, waar ik zijn lieve, ofschoon enigszins domme gezicht dat mij aanstaart kan zien.
Als de wereld mij niet geneest dan zal ik het zelf moeten doen – in het volle zicht van de wereld bovendien en we hebben Dr. Phil niet nodig.

Nelson Mandela vertelt mij op het citaten vak van mijn iGoogle pagina: “Onderwijs is het meest krachtige wapen waarmee men de wereld kan veranderen.” [Zie voor het origineel in de Engelse vertaling hieronder.]
Waar heb ik dat eerder gehoord… “Kennis is macht” misschien? Er is macht benodigd om de wereld te veranderen. Kom op Nelson, hou eens op leentjebuur te spelen bij Francis Bacon, “Scientia Potentia Est“, en put in plaats daarvan uit jezelf. Afgezien van het feit dat hij niet kan worden veranderd, wellicht ten overvloede toegevoegd. De rijken worden rijker en de armen eeuwig armer. Amen.

Onthulling! Tenminste drie mensen, alle posten zij regelmatig in het F. Help Forum (ja dat Help Forum), hebben tegen mij aangepraat via mijn telepathische vermogens, gedurende de afgelopen twee weken. Een van hen is een verrader. Hij luistert naar de naam W. Pencil. Hij sprak zich vertrouwelijk tegen mij uit aangaande bepaalde kwesties, die ik  trouwens al gepeild had. Daar zou niets verkeerds in steken ware het niet dat hij er gelijktijdig voor kiest mij te mangelen wanneer ik een van zijn posten beantwoordt; dikwijls ongerijmde beweringen wat betreft de site en het beheer, zowel als min or meer beledigende uithalen aan het adres van andere auteurs. William moet oppassen.

16.37
Vanavond verder

7.06 pm 
Met het slot op de achterdeur van dit flatblok is geknoeid door onverlaten. Bij gevolg zullen ik en andere bewoners, uiterst voorzichtig de sleutel moeten omdraaien (op de gewone manier, kloksgewijs) om de beweging dan in te houden wanneer deze een radertje schijnt aan te klikken diep in het donkere binnenste van het mechaniek, de deurknop aan te vatten en terwijl ik hem naar me toe trek, de sleutel die laatste draai te geven, zodat de deur tenslotte meegeeft. Maar… je voorzichtigheid is misschien even niet voorzichtig genoeg en dan… in plaats van de welkome weerstand van een sleutel die een radertje *pakt*, draait de sleutel alsmaar door en door en door… tot je andermaal tegen die veelbelovende *zwaarte* aan zit, opnieuw de knop beetpakt en opnieuw, terwijl je zachtjes een gebed doet, probeert de sleutel in de positie te manoeuvreren waar hij het palletje zal omarmen zodat het slot openspring en de deur meegeeft. Dit te moeten doen in het volle daglicht stelt je geduld op de proef maar om daar te moeten staan in de stromende regen, keer op keer verslagen door een f*****g radertje, of klemmetje of palletje or wat dan ook, verandert je in een tijdbom die op het punt staat af te gaan.
Ik pleegde een telefoontje naar de woningbouw vereniging die dit blok bezit met het verzoek om het kapotte slot te vervangen door een nieuwe. Ik zette mijn pleidooi kracht bij met het argument dat de meerderheid der bewoners bejaarden zijn met reumatische vingers, gebogen, zwakkelijk en ook een makkelijke prooi voor weer andere onverlaten die dankbaar gebruik maken van het langdurige gefrunnik aan het vermaledijde slot, alleen en volkomen kwetsbaar – is dat heel erg onvoorstelbaar, beste werknemers van de woningbouw vereniging?
De andere kant bleef een ogenblik stil en sprak toen het vonnis uit: het slot zal NIET worden vervangen, en daarbij ried dit persoon mij aan om niet teveel misdaad verhalen te lezen.

ENGLISH

09.47
I have come to a final conclusion: stop bellyaching about the views thingy on Flickr. For each time I cross the line there I shall need to fine myself  one whole euro. Right now I have shoved the Winnie-The-Pooh piggy bank into full view, where I can see its sweet, though rather stupid face staring at me.
If the world can’t cure me then I shall need to cure myself – and in full view of the world too, and we don’t need Dr. Phil.

Nelson Mandela tells  me on the quote section of my iGoogle page: “Education is the most powerful weapon which you can use to change the world.” Now where have I heard that before… “Knowledge is power”  perhaps? One needs power to change the world. Come on Nelson, stop drawing from Francis Bacon, *Scientia Potentia Est*, and draw from your own instead. Apart from the fact that it cannot be changed, need I add. The rich will be  richer and the poor forever poorer. Amen.

Revelation! At least three people, all regularly posting in the F. Help Forum (yes, that Help Forum), have talked to me on my ESP over the past two weeks. One of them is a traitor. He listens to the name of W. Pencil. He confided in me regarding certain issues, which I had already fathomed for that matter.  That would not be any wrong thing were it not for the fact that simultaneously he chooses to mangle me wherever I post a reply to his, oft times,  preposterous assertions regarding the site and the management, as well as more or less offensive snides directed at other posters. William should beware.

16.37
More tonight

7.06 pm
The lock to the back entrance of this appartment block has been tinkered with, by evildoers. By consequence I, and other residents, need to ever so gently turn the key (the usual way, clockwise) to then stop when it seems to catch a cog deep inside the dark interior of the mechanism, take hold of  the doorknob and while drawing it towards me, twist the key that final fraction to then find the door giving. However, one’s gentleness may not be just gentle enough and then… instead of feeling the welcome resistance of a key running into a cog, the key just turns on and on and on… until once again one comes up against that promising *heaviness*, once again take hold of the knob and once again, while gently praying, attempt to manoeuvre the key into that position where it will embrace the cog to release the lock for the the door to open. Doing this in broad daylight puts one’s patience to the test but standing there in the pouring rain, time and again defeated by a f*****g cog, or catch, or pin or whatever, turns you into a time bomb about to go off.
I put in a phone call to the housing corporation that owns this block with the request to replace the faulty lock by a new one, thereby enforcing my plea  with the argument that the majority of the residents are elderly people with rheumatic fingers, bent, frail and also an easy prey for other evildoers taking advantage of their prolonged fumbling with the infernal lock, alone and totally vulnerable – is that inconceivable dear corporation employees?
The other end remained silent for a bit and then pronounced the verdict: the lock will NOT be replaced besides advising me to not read too many crime stories.

Amsterdam, dinsdag-Tuesday 14-05-13

For English scroll down

11.17

Een grijze dag. Ik zou niets willen zeggen – maar mijn Dagboek wacht in stilte op mij om haar tot leven te wekken. Goed, hoe zal ik een doof oor hebben tegenover zo’n smeekbede. 

Vreemde toestanden in het  Help Forum. Of *vreemd* … laat ik zeggen * zoals geheel te verwachten*, met het oog op waar mensen mee bezig zijn. Maar alhoewel ervaring mij voorzichtig heeft gemaakt, ontvankelijk voor de onvermijdelijke bevestiging van wat eenvoudigweg onvermijdelijk is, komt het toch als een klap in je gezicht. Ik kan het zwart op wit zien staan: A wordt beledigd door B – dan wordt A gesteund door C, D, E en mijzelf, die zich tegen B keren. Het volgende : A steunt woorden die door B zijn gepost in een andere “thread” ter zake een ander onderwerp. Wat een verbijsterend voorbeeld is van verraad. Ik zou mij tegen A kunnen keren maar de laatste heeft mij bij meer dan één gelegenheid verdedigd toen anderen mij te grazen namen.
Mijn hemel, wat een afschuwelijke slangenkuil van menselijke interactie! En wie kan de eerste steen werpen?
Ik kan dat. Ofschoon ik deelneem, ben ik toch nog degene die de (twijfelachtige) eer geniet de eerste steen te gooien.

Ik heb deur gesloten voor het publiceren van foto’s, nu zelfs voor Flickr Friends & Family. Gisteren plaatste ik vier foto’s. Een vol uur later en nog niet één van deze Flickr Friends & Family had op nog niet één van deze nieuwe toevoegingen geklikt, laat staan een commentaar plaatsen. De pijn die mij dit geeft is een marteling. Ik kan er niet mee omgaan. Ik wil gewoon dat heel veel mensen mijn foto’s bewonderen. En wanneer ik het niet krijgen kan zoals ik het hebben wil dan ga ik niet voor tweede keus. Met mij is het alles of niets. Om met een van mijn contacten hierover te beginnen is een uitnodiging om een sermoen af te steken over de noodzaak voor meer *adverteren* en *jezelf verkopen* en de rest van dat gelul. Dus hoe kan ik de uitzonderlijke omstandigheden uitleggen waarin ik mij bevind? Die iedere  vorm van *adverteren*, laat staan *marketing* uitsluiten? Dit is zo’n knellende situatie. Een van deze Flickr Vrienden, D., merkte onder een eerdere foto op dat mijn terugkeer naar de straat hem *verblijdde*. Ik repliceerde met te zeggen dat het mijn bedoeling was om daar te blijven maar niet zonder worsteling.
Klaarblijkelijk heeft mijn ware publiek mij nog niet gevonden. En via Flickr zal dat ook niet gebeuren. Ik wacht tot mijn leven een andere wending neemt, waarbij inbegrepen brede waardering voor mijn werk buiten Flickr.  Tot die tijd blijven mijn foto’s achter slot en grendel.

Mijn vertrouweling, vaderfiguur ook, vertelt mij dat ik me moet concentreren op andere dingen dat het vuil in mensen. Ik zou dat heel graag doen maar hoe kan ik me richten op het niet-vuil wanneer zij steeds weer hun vuil in mijn gezicht gooien? Mensen die ik informeerde omtrent mijn *super gave*, wilden wel dat zij het ook hadden - tjonge, wat zou dat een geweldige verrassing voor ze zijn, één dag in mijn schoenen!  Rolling On The Floor Laughing. [Bekende Engelse Internet uitdrukking, wordt doorgaans weergegeven in afgekorte vorm; ROTFL – betekent letterlijk * Ik lig op de grond van het lachen*, wij zeggen veeal *Ik lig in een deuk*.)

21.06
Zou ik mijn ware identiteit onthullen, met alles wat dat met zich meebrengt, ik zou worden behandeld als Cassandra. En een van de meest pijnlijke dingen in het leven… is niet te worden geloofd. Tenminste als het om verkrachting, mishandeling en je identiteit gaat.

22.45
Ik heb de sportschool vandaag overgeslagen. Iets hield mij er vandaan. Het zal te maken hebben met mijn onwil om betrokken te raken bij andere vrouwen in de kleedkamer – het gebeurt ofschoon ik op mijn hoede ben – overkomt me steeds weer dat ik betrokken raak bij de Seks Baron (mijn alias voor hem) – hij beledigde mij en nu wil ik hem helemaal niet tegenkomen, maar dikwijls is hij er net wanneer ik binnenloop – wat dat betreft: iets houdt mij bij mensen vandaag, waar dan ook, en man, wat zijn er VEEL van overal! Ik raak in toenemende mate gevoelig voor de overmaat aan signalen, zowel fysiek als mentaal die mij bestormen wanneer ik mij onder de mensen begeef – wonderlijk genoeg niet wanneer ik gewapend ben met mijn camera, die fungeert als een barrière tussen mij en de wereld.

Maar goed, hier liggen twee dumbells klaar, met een heel zootje losse gewichten, dus mijn spieren hoeven niet te treuren om gebrek aan inspanning! En de meeste rek- en strekoefeningen lukken ook wel op het zachte Persje in het boudoir.

ENGLISH

11.17
A gray day. I would like to not say a thing – but my Diary is silently waiting for me to bring her to life. Very well, I cannot turn a deaf turn to such a plea.

Strange goings on in the  Help Forum. Or *strange*… let me say *to be entirely expected*, with a view to what people are at. But although experience has made one wary,  receptive to the inevitable confirmation of what simply is inevitable, it still is a slap in the face.
I can see it in print: A being abused by B – then A is supported by C, D, E and myself, who turn against B. Next thing: A supports words posted by B in another thread dealing with another topic. Which is a a baffling instance of betrayal. I could turn against A but the latter has defended me on more than one occasion when others mobbed me.
My goodness, what a horrible snakepit of human interaction!  And who can throw the first stone?
I can. Although I am participating, I still am the one who has the (dubious) honour to throw the first stone.

I closed the door to posting my pictures, now even for Flickr Friends & Family. Yesterday I put up four shots. A full hour later and not one of my contacts had clicked on any one of these new additions. The pain that this brings me is excruciating. I cannot cope with it. I simply want very many people to admire my pictures. And if I can’t have it the way I want it I am not settling for second best. It is either all or nothing. To speak about this with anyone of my contacts is an invitation for them to lecture me on the necessity for *more exposure* and to *sell yourself* and the rest of that crap. So how can I explain the singular circumstances I find myself in? Which preclude any type of *exposure*, let alone *marketing*? This is such a constricting situation.
One of these Flickr Friends, D., commented underneath an earlier photo that my return to the streets was cause for him to *rejoice*. I responded by saying that it was my intention to stay but not without * a struggle*.
Evidently my true audience has not yet found me. And it is not likely to happen through Flickr. I shall wait till my life has taken a different turn, including broad appreciation of my work, outside of Flickr. Till that time my photos shall remain in the lockup.

My confidant, father figure too, tells me to focus on other things than the dirt in people. I would gladly like to but how can I focus on the not dirt when time and again they throw their dirt in my face? People whom I told of my *superpower* wished they had it – boy, would that be one hell of a surprise for them, one day in my shoes! Rolling On The Floor Laughing, more often rendered as the wellknown Internet abbreviation : ROTFL.

21.06
If I were to reveal my true identity, with all that it entails, I would be treated as Cassandra. And one of the most painful things in life…. is not to be believed. At least where it concerns rape, abuse and one identity.

20.45
I skipped the gym today. Something kept me away from it. It must have to do with my reluctance for getting involved  with other women in the dressingroom – it happens although I am on my guard – keep getting involved with the Sex Baron (my alias for him of course) – he offended me and now I simply want to not run into him but generally he’ll be around just as I walk in – for that matter: something is keeping me away from people, wherever – and boy, there ARE a lot of them around!  I am becoming increasingly sensitive for the overload of signals, both  physical and mental that rush at me whenever I venture among people – curiously enough not when armed with my cam, it acting as a barrier between me and the world.
But hey, there’s dumbells around here, with a bunch of detachable weights, so my muscles don’t need to mourn for lack of effort! And most stretch and straining exercises will come off perfectly well on the soft Persian rug in the dressing room.

Amsterdam, maandag-Monday 13-05-13

11.17
Een zootje verrekte halve garen vertellen mij dat mijn schrijverij *leuk* is – wat lezen zij in godsnaam? Het kunnen mijn regels niet zijn, hebben zij het over iets anders? – het etiket *leuk* is niet van toepassing op welke van mijn regels dan ook, op mijn tekenwerk ook niet, mijn fotografie idem dito en als u iemand bent die mijn werk kennelijk op de verkeerde manier leest, verdwijn dan uit deze blog en laat je hersens doorweken met het soort vrijblijvende bla bla bla dat de maatschappij bepleistert als goedkoop behang bedrukt met bloemen zonder gezichten – maar mijn behang heeft bloemen die gezichten worden, ‘s nachts wanneer u in bed ligt, gezichten die naar je toe komen, gezichten die tegen je praten, gezichten die diep in je geest lijken te komen. Mijn soort schrijven is DAT soort schrijven, jullie stelletje laten-we-het-leuk-houden stommelingen,  en als je het nu nog niet ziet dan heb je waarschijnlijk de moed niet om uit je eigen drabbige hokje te stappen.

21.40
Nou, dat was even een flinke tirade, hierboven. Blij dat het er uit is. Dat is tenminste één ding om dankbaar voor te zijn in deze incomplete wereld vol gaten en overal spleten: mijn macht van het woord.
Oké, dus wat is er sinds vanochtend gebeurd. Niet echt veel, althans niet op het lichamelijke vlak, dat is te zeggen, ik zakte op mijn bed, in plaats van tegen die tijd op de sportschool te zijn, ijzer trekken. Spiritueel gesproken had ik het ook helemaal gehad, de gebruikelijke twijfels (meest op conto van anderen) bestormden mij in grote getale. Ik sluimerde. Stond op om mijn lichaam te verzorgen. Ging terug online. Voelde me geheel ondergedompeld in ongenoegens omtrent allerlei zaken waarvan ik meende dat ik ze zou moeten hebben wat niet het geval is en hield me toen bezig met stomme dingetjes en vertrok tegen vijven met bestemming zorgcentrum.  Zoals gebruikelijk wanneer ik mijn moeder te eten geef, keek ik over mijn schouder naar de televisie. Vanavond was het dokter Phil en zijn ijverige pogingen om hopeloze gevallen in diverse stadia van hopeloosheid bij te staan. Deze keer waren de gevallen een jonge man en een jonge vrouw behept met Obsessieve Compulsieve Stoornis (OCS). Grote genade. Luister, als u meent dat u aan OCS lijdt omdat u uw pennen netjes wilt neerleggen en op precies DIE wijze wilt rangschikken op uw bureau…. schei toch uit, u bent gewoon iemand die zijn pennen netjes en in die bepaalde volgorde wilt neerleggen. En anders niet.
De jonge vrouw kon geen kant uit  zonder eerst een heus plan op te stellen om *het* te laten *lukken* – in zeker opzicht leek haar leven op dat van een ster: een of andere man had de taak op zich genomen voor haar te zorgen, haar eten te kopen, haar bij te staan wanneer ze reisjes maakte, haar te begeleiden naar de sportschool, er op toezien dat ze haar afspraken tijdig nakwam enz. Ze bracht ongeveer dertien uur per dag door met ritualistisch gedrag. Vier eieren zo breken dat niet EEN druppeltje eigeel het eiwit zou *besmetten*, terwijl ze het wit van de dooier poogde te scheiden, kostte haar vier hele uren, want wanneer keer op keer zo’n vermaledijd vlekje eigeel pardoes in het slijmerige eiwit hupte… moest het over.
De jonge man leed aan een zeer zeldzame fysieke vorm van OCS, die merkwaardige rituelen met zich meebracht – zo probeerde hij zijn lichaam dingen te laten doen die het normaal gesproken niet doet. Zoals geluidloos slikken…. op een keer had hij 255 keer geprobeerd te slikken, daarbij echter zonder dat *klik* geluidje te maken ergens nabij je oren. Hetgeen natuurlijk n0oit lukte. Ook knipperde hij niet met zijn ogen, of alleen maar zijn oogleden half over zijn oogballen te laten zakken om ze daarna snel weer op te trekken. Waarbij ik me afvraag of zijn ogen niet zouden uitdrogen.
Echter…. er gloorde hoop in de persoon van een zekere neuroloog die een apparaatje had ontworpen dat magnetische impulsen in de hersenen  van deze OCS gevallen stuurde en ziedaar…meer dan 72 procent ging naar huis als gelukkige mensen, slikken en knipperen zonder vrees en zomaar alsof het niets is de eieren te breken, zonder  zelfs maar met de ogen te knipperen wanneer de halve dooier bij het wit terecht kwam!
Ik zou zelf ook wel goed gebruik kunnen maken van zo’n apparaatje, nu we het erover hebben, om een heel  legertje ongewilde cerebrale activiteiten het zwijgen op te leggen.

ENGLISH

11.17
A bunch of fucking nitwits tell me my writing is *nice* – what the bloody hell are they reading?  It cannot be my lines, are they to referringto something else? – the label *nice* is not applicable to any of my lines, nor to my graphic work nor to my photography and if you are someone who evidently reads my writing the wrong way then get out of this blog and soak your brain with the kind of noncommittal blah blah blah which plasters society like cheap wallpaper printed with flowers that don’t have faces –  but my wallpaper has flowers that turn into faces, at night, when you are in your bed, faces that come at you, faces that talk back at you, faces that seem to get deep  into your mind. My kind of writing is THAT kind of writing, you bunch of ignorant, let’s-keep-it-nice fools, and if you still don’t see you probably don’t have the courage to step out of your own dreary cubbyhole.

21.40
Well, that was some bloody rant up there. Glad to have it out. At least that is one thing to be thankful for in this incomplete world riddled with holes, cracks everywhere, my power of the word.
Okay, so what has been going on since this morning. Not really much, at least physically speaking, that is to say I crashed flat out on my bed, instead of by then being in the gym, pumping iron. Spiritually I was flat out too, the usual doubts (mostly those of others) assailing me in plentitude.  I slumbered. Got up to take care of my body. Went back on line. Felt totally immersed in misgivings about all kinds of things I thought I should have which I don’t and then busied myself with stupid little things and by five I left for the carecenter. As usual while feeding my mother I looked over my shoulder at the tv. Tonight it was docter Phil and his industrious attempts to assist hopeless cases in various stadia of hopelessness. This time the cases were  a young man and a young woman afflicted with Obsessive Compulsion Disorder (OCD). My goodness. Listen, if you think you suffer from OCD just because you want your pens arranged neatly and in precisely THAT order on your desk… snap out of it, you are just someone who want their pens laid out neatly and in that order. Period.
The young woman couldn’t move in any direction without first fixing up a regular plan to *make it work* – in a way her life resembled that of a star: some man had assumed the task of taking care of her, buying her food, assisting her on trips, accompanying her to the gym, seeing to it she got to places on time etc. She spent about thirteen hours a day on ritualistic behaviour. Breaking four eggs, in such a way that not ONE speck of yolk would *taint* the white, as she tried to separate it from the yolk, took her four solid hours, when time and again the a dratted speck of yolk would hop right in with the slimy white…. and so… another egg, another try.
The young man suffered from a very rare physical form of OCD, involving strange rituals in trying to make his body do things which normally it doesn’t. Like swallowing without making a sound… once he had tried to swallow  255 times, thereby silencing the usual sort of *click* it causes somewhere near your ears. Which of course never worked. Also he did not blink, or only allowing his eyelids to cover his eyeballs half and then rapidly pulling them up again. Makes me wonder if his eyes won’t dry up.
However…. hope glimmered in the person of some neurologist who had developed a kind of gadget which sent magnetic impulses into the brains of these OCD-cases and lo and behold… more than 72 percent went home as happy people, swallowing and blinking without fear and breaking the eggs just like that, without even blinking
|if half the yolk ended up in the whites!
I myself could do with one of those gadgets, come to think of it, shutting up a host of unwanted cerebral activities.

Amsterdam, zaterdag-Saturday 11-05-13

11.46
Ik woonde gisteren M.’s begrafenis bij. Een zeer stille, zowat *onderworpen*  plechtigheid, zoals hij ook een stil persoon was die stille mensen om zich heen verzamelde, afgezien van mijzelf natuurlijk, met mijn stem die over een grote afstand te horen is en mijn sterk uitgedrukte voor- en afkeuren. Wat een van de redenen vormde tot de breuk in de vriendschap – de regel van de tegenpolen die elkaar aantrekken alleen wat teveel van het goede. Maar laat wat voorbij is liever voorbij blijven en sowieso geen reden om dit laatste afscheid over te slaan.
Terwijl ik rondhing in de kleine, schemerige receptie merkte ik op hoe mensen een deur door gingen, rechts, anderhalve meter van mij vandaan. Ik hoorde iemand zeggen: “Is hij daarbinnen?”en de andere kant bevestigde dit. Dus ik concludeerde dat het om de kist ging met de overleden M. er in. Om een of andere vreemde reden stond ik niet te trappelen om naar binnen te gaan.  Ik besloot er vanaf te zien. Na ongeveer een half uur van dit doe-ik-het of doe-ik-het-niet  - al die tijd stond ik daar maar, omgeven door vreemdelingen – besloot ik tenslotte om de stap te zetten en betrad de gevreesde ruimte. Waar was de kist? Die was er niet. In plaats daarvan had men M. in een houten bak gelegd, gewikkeld in lijkwaden van gebroken wit. Ik kwam voorzichtig naar voren, in de richting van het hoofdeinde van de bak waar M.’s gezicht verscheen, een wassen pop, de lijkwaden zorgvuldig eromheen gevouwen. Griezelig dichtbij, zonder de afscheiding van enigerlei omhulsel, ik kon mijn hand uitstrekken en ik zou hem aanraken. Hoe lig ik in bed ‘s ochtends? Ongeveer zoals hij hier.
Voor mij een schok. Ik on mezelf er maar net van weerhouden om uit te roepen “O mijn God!* en deed haastig enkele passen achteruit. Een andere bezoeker stond ter hoogte van M.’s hoofd, zijn handen gevouwen, het hoofd devoot gebogen. Om niet een totale spelbreker te zijn of zelfs een oneerbiedige gek, ging ik in mijn eigen voetsporen voorwaarts tot waar ik eerder stond en mompelde iets wat klonk als *Dag M.”, waarna ik de kamer verliet op beheerste wijze.

De ceremonie eindigde op de begraafplaats – een gewillige zon kwam uit, vogels zongen en alles scheen vredig – stapels heldere bloemen omringden M.’s ontzielde lichaam voordat het werd neergelaten in het graf, een berg bruine aarde ernaast, de schep er al in gestoken. Elke bezoeker liep langs het graf en wierp er een bloem in al dan niet vergezeld van een afscheidswoord –  ik keek in de kuil, nu was zijn gezicht verborgen door de lijkwade, maar het scheen erdoorheen – ik schonk hem een gele bloem en zei hem andermaal gedag.

Straks terug.

20.13
In het zorgcentrum gekeken naar een documentaire over ene Todd Carmichael die, monter en goedgemutst, een reisje te voet en te ski naar de Zuidpool ondernam. Hij versloeg de tocht met de videocamera. Hoe het hem  is gelukt om overzichtsbeelden te maken, terwijl hij voortgaat over de besneeuwde vlakte van Antarctica, zijn slee achter zich aanslepend, is mij niet duidelijk – een boomtak om de camera aan op te hangen is in die streken niet zo makkelijk te vinden. Dacht ik. Of ja, op een statief misschien, dat zou kunnen. Maar dan nog. Enfin, hoe het ook zij, we zien hoe het hem alsmaar zwaarder wordt, hij houdt een teen omhoog die zwart kleurt…knijpt in close up in zijn wang, die kennelijk diep van binnen bevroren is, het ademen gaat alsmaar moeilijker wegens gebrek aan zuurstof wegens de hoogte, delen van zijn longen bevriezen door het inademen van de ijzige lucht, al langer dan een maand, de huid onder zijn ogen is verbrand, zijn ene been is dik… maar goed, tenslotte heeft hij het dan gehaald, de snelste van al zijn voorgangers. Staat hij daar, bij de paal met een glazen bol erop. Goed gedaan jongen, ieder zijn meug. Gefeliciteerd.

Op weg naar buiten, hoorde ik de zoetste pianomuziek – het was een bezoeker die de piano bespeelde op het binnenterras, eerste verdieping, die uitziet over het open middenstuk waaromheen de afdelingen zijn gesitueerd langs galerijen. Ik ging  op een stoel zitten en genoot simpelweg. Visioenen van een uitgestrekte, villa met veel licht en ruimte in de bossen in een of ander zonnig land, dreven door mijn geest – een koele bries liet de kanten gordijnen voor de openstaande deuren golven, iemand speelde op de vleugel in de kamer er achter… ik en mijn geliefde leuning achterover in onze ligstoelen….op de betegelde patio….zucht.

23.23
Vraag ik me af…wanneer je ziel bevriest….wordt die dan ook zwart. Welterusten,

Prinses Mabelia Van Amberhoven

ENGLISH

11.46
I attended M.’s funeral yesterday.  A very quiet, almost subdued ceremony, just as he was a quiet person attracting quiet folks around him, save for me of course, with my voice which carries far and wide and my strongly phrased likes and dislikes. That being one of the reasons for the breach in our friendship – the too much of the opposties attracting rule. But let bygones be bygones and anyhow no reason to skip this last farewell.
As I was standing around in the small and shadowy reception I noticed people going through a door to my right, a yard or so away. I heard someone say  ”Is he in there?” and the other side said he was. So I concluded it must be the coffin with the deceased M. inside. For some strange reason I was very reluctant to go in. I decided to do it but put it off. After about half an hour of this go-not go thing – all the while I was just standing there, surrounded by strangers – I finally made the break and stepped into the dreaded space. Where was the coffin? There was none. Instead M. had been placed in a wooden tray, swathed in off-white shrouds. I advanced cautiously towards the head of the tray where M.’s face appeared, a waxen doll, the shrouds carefully arranged in folds around it. Disturbingly close, without the barrier of any casing, I could stretch out my hand and then I would touch him. How do I find myself in bed in the morning? About the same way.
A shock for me. I only just kept myself from calling out *Oh my God!* and hastily retreated a few steps. Another visitor stood abreast M.’s head, his hands folded, head devoutly bent. In order to not seem a total spoilsport or even a disrespectful idiot, I retraced my steps to where I previously stood and mumbled something which sounded like “Goobye M.” after which I left the room in a composed fashion.

The ceremony ended on the burial grounds – a willing sun came out, birds sang and all seemed peaceful – piles of bright flowers surrounded M.’s soulless body before it was lowered into the grave, a mound of brown soil waiting beside it, the ready spade  stuck in.
Each visitor walked passed the grave and cast a flower in it, either or not accompanied by a word of goodbye – I looked into the pit, his face now hid by the shrouds, but it shone through them – I gave him a yellow flower and once again I said goodbye.

Back later

20.13
Watched a documentary in the carecenter, about a certain Todd Carmichael who, cheerful and upbeat, undertook a journey on foot and on skies to the South Pole. He made video footage of his trip. How he managed to shoot panorama takes, as he progresses across the snowy plains of Antarctica, dragging his sled behind him, is not quite clear to me – a treebranch to hang camera from would be sort of hard to find. Methinks. Or yes, on a tripod perhaps, that would work. But even then. Anyway, we can see how the going gets tougher and tougher, he holds up a toe turning black… pinches his cheek in close up, which evidently is frozen deep down inside, breathing is increasingly difficult due to lack of oxygen due to the altitude, parts of his lungs are frozen through inhaling the icy air for over a month,  the skin beneath his eyes is burnt, one of his legs is swollen…but hey, ultimately he did make it, the fastest of all those who preceded him. There he is, at the post topped by a glass sphere. Well done boy, every man to his taste. Congrats.

On my way out, in the hall, I heard the sweetest piano music – it was a visitor playing the piano on the indoor terrace, first floor, overlooking the large open midsection around which the wards are arranged along galeries. I sat down in a chair and simply enjoyed. Visions of a sprawling airy and spacious villa in the woods, in some sunny country drifted through my mind – a cool breeze rippling lace curtains to french windows, someone playing the grand piano in the room behind them….me with my beloved leaning back in our reclining chairs…on the tiled patio….. sigh.

23.23
So I am wondering…if your soul freezes…. would it turn black too. Goodnight,

Princess Mabelia Van Amberhoven

Amsterdam, donderdag/Thursday 09-05-13

19.41
In mijn postvak *in* tref ik de zoveelste link aan naar wederom de beweging *Hungry for Change* die een gezonde levensstijl boven een slechte propageert, allicht, en daartoe allerlei lijsten aanbiedt van gezonde voeding en ongezonde voeding, en bovendien de stinkende waarheid onthult over de voedingsmiddelen industrie, achter schermen waar anderen dan deze slechte koks nooit achter komen. Goed, dat is loffelijk . Maar, zoals ik eerder op schrift heb gesteld (c.q. aan de server toevertrouwde) elders op het Net, is de keerzijde van deze gezondheidsbewegingen de algemene houding van zelfgenoegzaamheid die maakt,  als het eten daartoe geen reden geeft, dat je wilt braken. Hier is de bewuste tirade.

“Mensen die streven naar het gezonde leven, biologisch voedsel en drinken  die de voedselproductie willen opschonen…. waarom zetten deze mensen zich tegen iedereen af onder hun stralenkrans van heiliger dan gij boven hun zelfgenoegzame hoofden?
Naarmate de film voortgaat [Hungry For Change, Mab.] wordt het puur informatieve dunner en dunner, het idealisme, lees: de bekrompenheid van de makers en de verteller daarentegen steeds dikker. Evenwijdig aan de experts die ons verwerpelijke feiten verstrekken over de hedendaagse voedsel productie, loopt het leven van een vrouw, in de dertig, die in de verdere film *evolueert* van een gestrest, gevangen slachtoffer tot een *bevrijde* overlever, stralend van nieuwe gezondheid, nieuwe levenskracht en geluk, schier door dieet cola’s en junkfood links te laten liggen en inplaats daarvan biologische groentesapjes te drinken, biologische salades en vlees waar niet meer geknoeid is, te eten – daarenboven zien we haar haar nieuwe ding doen, rennen door de bossen en ter bekroning van deze overdreven vertoning van het Nieuwe Ontwaken… waar zal ze anders staan dan voor de spiegel, bezig fotootjes op de lijst te plakken met handgeschreven onderschriftjes als *Houd van jezelf!*, *Ik accepteer mezelf zoals ik ben…* en eendere banale voorbeelden van zelf-therapie. Wat heeft dat in godsnaam te maken met het willen eten van zuiver voedsel zonder toevoegingen? Waarom moet dit psycho-gebabbel er nou worden bijgehaald?
Er is geen reden aan te nemen dat willekeurig welke junkfood junkie zichzelf minder lief heeft. Misschien houden zij zoveel van zichzelf om te kunnen zeggen: “Ik houd enorm veel van mijzelf en dus eet ik al die ongezonde rotzooi, dat  stijf staat van de gevaarlijke toevoegingen gewoon omdat ik vind dat het heerlijk smaakt en wanneer ik het gezonde spul eet dan voel ik me vreselijk.”

Ik zou de tegenstanders van de voedselmafia, waartoe ik zelf behoor (niet de mafia maar de tegenstanders) willen zeggen: “Veeg die zelfgenoegzame voldoening van je gezichten mensen, hou eens op met al die ethiek en alle moraal, geef ons gewoon de bevindingen die je onderzoeken opleveren en laat ons zelf maar de ethiek en de moraal invullen ja of nee, basta.”

Mabel Amber

*****

OKÉ, wat zal het deze keer zijn, waarmee ze mijn leven denken te verrijken, aangezien ik al beleefd hun zelfgenoegzaamheid, hun zelfvoeldoening en hun misselijkmakende opgefokte heiligheid, heb afgeslagen? Met dit:

22 Positive Habits of Happy People 


What’s the secret to being happy? You can learn how to do it, just as you can learn any other skill. Those who are happy tend to follow a certain set of habits that create peace in their lives; if you learn to apply these habits in your own life, there’s a good chance you’ll be happy too.

http://www.hungryforchange.tv/article/22-habits-of-happy-people

Welnu, ik heb mij door alle tweeëntwintig positieve gewoonten heen gewerkt, en laat mij u vertellen dat ik liever een sombere mopperkont zou zijn die vrijelijk toegeeft aan  diens eigen 22 negative gewoontes, dan te ontwaken in de doorweekte zonneschijn van dit opgevoerde namaak geluk dat ieder normaal gebruik van menselijke emoties uitsluit – wie deze 22 als zijn of haar ultieme gids voor het leven aanpakt kan net zo goed in het konijnenhok kruipen.

Enfin, het is al laat, de rest van mijn spraakwaterval laat ik morgen neerstorten, welterusten,

Prinses Mabelia Van Amberhoven

ENGLISH

19.41
In my inbox I encounter the so manieth link to yet again the movement *Hungry For Change* which propagates a healthy life style above a bad one, well sure, and in the process offers lists of healthy foods and unhealthy foods, besides revealing the stinking truth about the food industry, behind the scenes where others than these bad cooks will never tread. Okay, that is laudable. However, as I committed to paper (c.q. entrusted to the server) elsewhere on the Net, the downside of these health movement is the general attitude of self satisfaction which, if the food doesn’t, makes you want to puke.  Here is that rant:

“Why do people who aspire to healthy living, organic food and drink, who wish to clean up the food production…why do these people wear this *holier than thou* crown on their self-satisfied heads? 
As the movie progresses [Hungry For Change, Mab.], the purely informative bit becoming thinner, the idealism, read: the smugness of the makers and the voice-over thickens. Parallel to the experts giving us the objectionable facts of the present day food production, runs the life of a woman, thirty-ish, who in the course of the film *evolves* from a stressed, imprisoned casualty to a *liberated* survivor, glowing with new health, fresh vigour and happiness sheer through chucking diet colas and junkfood and instead drinking organic veggie juices, eating organic salads and untampered-with meats – in addition we see her doing her new thing, running in the woods, and to top off this overdone exhibition of re-awakening… where should she be but in front of the mirror, glueing photos to the frame, bearing handwritten captions like: “Love yourself!”, *I accept myself as I am…* and similar trite examples of self-therapy. What in God’s name does that have to do with wanting to eat additive-free foods? Why bring this psycho-babble into the picture? 
There is no reason to assume that any junkfood junkie loves him- or herself any less. They may love themselves to the very extent to state: *I love myself enormously and so I eat all that unhealthy gook spiked with dangerous additives simply because I think it tastes gorgeous, and eating the healthy stuff makes me feel terrible.” 

I would like to address the opponents of the food mafia, to which I myself belong (no not to the mafia, but to the opponents): “Wipe that self-satisfied smugness off your faces people, cut out all the ethics and all the morals, simply give us the findings you come across during your investigations and let us fill in the ethics and the morals for ourselves, either or not Period.”

Mabel Amber

*****

Okay, so what is it this time, they think to enrich my life with, since I already politely declined their self satisfaction, their smugness and their nauseating faked holiness? With this:

22 Positive Habits of Happy People 


What’s the secret to being happy? You can learn how to do it, just as you can learn any other skill. Those who are happy tend to follow a certain set of habits that create peace in their lives; if you learn to apply these habits in your own life, there’s a good chance you’ll be happy too.

http://www.hungryforchange.tv/article/22-habits-of-happy-people

Well, I worked my way through all twenty two positive habits, and let me tell you that I would rather be a dismally unhappy grouch indulging in his own 22 negative habits,  than waking up in the soggy sunshine of this souped up sham happiness which excludes any normal use of human emotions – whomever takes these 22 as their ultimate guide to life may just as well crawl in to the rabbit hutch.

Oh well, it’s late, leave the rest of my *speechwaterfall* [literal translation of the Dutch word for being talkative) for tomorrow,  goodnight,

Princess Mabelia Van Amberhoven

Amsterdam, woensdag/Wednesday 08-05-13

09.00
De tijd vliegt of zit ik vast in het zand?

16.47
Vanavond terug voor een zinderend verslag van deze dag, woensdag, acht mei, Tweeduizenddertien, die nooit meer zal terugkeren in de loop van de toekomstige wereldgeschiedenis. Yo.

20.06
Ik moest vandaag de stad uit. Kort treinritje naar het station Naarden-Bussum, wat toegang verleent tot twee verschillende gemeenten, namelijk Bussum en twee kilometer verderop, Naarden. Volgens mijn logica zou de volgorde moeten zijn: * Bussum-Naarden*, maar kennelijk hangen de mensen die over het benoemen van treinstations gaan een andere logica aan. Hoe dan ook, de gemeente Bussum bezet een speciale plek in mijn herinnering. Het was daar, waar  ik op de verbijsterende prille leeftijd van drie (net geworden) bekend werd met het menselijk taboe. Dit tafereel: een zomerse tuin, vrouwen stonden bijeen aan de kop, een groepje kinderen, onder hen mijn persoon (verdient men dat label, *persoon* op zijn derde?) aan de voet van de tuin. Plotseling stond ik oog in oog met een peuter, beslist jonger dan ik, laten we zeggen twee en een half; ze had het klaargespeeld om haar broek naar beneden te krijgen, met luier en al, waardoor mij een blik werd vergund op de inhoud: groot, rond en glanzend bruin. De peuter schreeuwde van plezier en stak een wijsvinger in de prut – ik stond daar maar te kijken, geboeid. Op dat moment kregen de vrouwen dit gedoe in de gaten, ofwel omdat ze toevallig onze kant op keken, of anders werden ze gewaarschuwd door hun moederinstinct, maakt niet uit, en een hunner kwam aangerend om de blije peuter en haar nieuwe speeltje te overvallen. De vrouw berispte haar met : “Bah, vies! Daar moet je je vinger niet in doen, bah vies!” terwijl ze het kind omhoog tilde en het voor zich uit hield met gestrekte armen, om dan terug te keren en het huis binnen te gaan door de achterdeur.
Wat mij betreft: ik denk niet dat het incident mij heeft opgezadeld met een Freudiaanse anale fixatie, al kan ik niet voor de peuter in kwestie spreken.

Op weg van Bussum naar Naarden, mijn bestemming, een wandeling van veertig minuten, luisterde ik naar mensen, bekend met mijn zo langzamerhand gammele geheim, die mij aanspraken via mijn buitenaardse vermogens. Een van hen had dit dagboek gelezen en hij vroeg zich af hoe ik het klaarspeelde om zowel in het Nederlands als in het Engels te schrijven: was het eerst het Nederlands om dat na voltooiing te vertalen in het Engels of andersom? Welnu, hoe gek het mag klinken, eerst in het Engels, waarna de Nederlandse vertaling volgt. Om deze reden: wanneer ik in het Nederlands schrijf gebruik ik onwillekeurig woorden waarvan ik het Engelse equivalent niet tot mijn onmiddellijke beschikking heb, en het benodigde speurwerk in online woordenboeken vormt een onwelkome onderbreking van het schrijfproces. Bij het schrijven in het Engels doet dit probleem zich niet voor – waarschijnlijk omdat mijn Nederlandse vocabulaire breder is.

Trouwens…wie zijn zij die mij toespreken via mijn buitenaardse vermogens? Zoals ik zei, mensen die mijn geheim kennen. Waar hebben ze het over? Wel, deze mensen kunnen worden ingedeeld in twee hoofdcategorieën: A. zij die mij onmiddellijk onderdompelen in hun persoonlijke aandoeningen, hun kijk op het leven en hun behoefte aan het *licht* en B: zij die zich als eerste richten op mijn eigen persoonlijke worsteling met dit vermogen van mij: alles van de anderen te kunnen zien en horen, signalen te ontvangen uit onbekende dimensies en gehuld te gaan op onverwachte momenten in de stemmingen en narigheden die mij zouden kunnen overvallen, als afkomstig van anderen.
Dus, al met al, is er niet veel verschil met het normale contact, ha!

Mijn geliefde laat mij baden in zijn *good vibrations* – hetgeen, moet ik zeggen, een groot verschil is met de eerste anderhalf jaar van zijn ernstige depressie rechtstreeks in mij geprojecteerd en ten tweede: met de geheime uitwisseling, samen te vatten als een uitgesponnen zoektocht naar zichzelf in mijn spiegel – het behoeft geen betoog dat de spiegel gaandeweg ernstig werd vervuild. Dus nu zijn gezicht uit de spiegel is verdwenen zou hij misschien tot de conclusie kunnen komen dat de vrouw achter de spiegel NIET degene is blaam treft.
We gaan het meemaken.

In het verzorgingstehuis *Ons Hofje*: mijn moeder, in een bed opgesteld in een nis die de *televisiehoek* heet, eet als een paard. Ze kan niet wachten tot die lepel volgeladen met gemalen eten haar mond in glijdt, daarheen geleid door mijn hand. Rechts van mij, aan der namaak-houten tafels doet een oudere heer hetzelfde met zijn vrouw. Dat is dementie, eerst vrijde hij met haar nu voert hij haar. (In het Engels bekt het beter, zij het wat botter. Het weinig parlementaire *neuken*  allitereert niet met enig woord voor te eten geven, het zij zo, bij vertalen gaat er de glans er hier en daar af. )
Links van mij de televisie, terwijl ik mijn moeder voer laat ik mijn linkeroog gewoonlijk in de richting van het scherm dwalen – vandaag had ik de tv afgestemdop * Everybody Loves Raymond* wat ik heel grappig vind. Tegenwoordig zendt National Geographic delen van de serie over de Tweede Wereldoorlog uit, precies tijdens de avondmaaltijd – ik volg het zo’n beetje – het personeel heeft nog geen bezwaar gemaakt tegen het scherm vol gewelddadige oorlogstaferelen, ijzingwekkende beelden uit de concentratiekampen en Hitler die maar door oreert terwijl de bewoners van het zorgcentrum zitten te eten of gevoerd worden, precies het soort mensen waarvan Hitler de wereld wilde vrijwaren. Is niet gelukt.

Toen ik mijn spullen bij elkaar pakte, vanaf de dofblauwe fauteuil naast de televisie zei de man, zojuist  geïnstalleerd in de crapaud van beige pluche in de hoek, tegen mij: “Wat ben jij knap.”
Ik bedankte hem.

ENGLISH

09.00
Time flies or am I just stuck in the sand?

16.47
Back tonight for a stunning report of this day, Wednesday, eighth of May, Twothousandthirteen, never more to return in the course of all this World’s future history. Yo.

20.06
I needed to venture out of town. Short train ride to the trainstation called Naarden-Bussum, through which one  can access two separate townships, namely Bussum and about two kilometers further down, Naarden. To my logic the sequence should be: *Bussum-Naarden*, but evidently those people who take care of trainstation identification adhere to a different logic. Anyway, the township of Bussum holds a special place in my memory. It was there where I, at the astonishingly tender age of three (only just) became familiar with a human taboo.  This scene: a summery garden, women somewhere at the head, a bunch of kids, among them my person (does one deserve that label, *person* at three?) at the foot of the garden. Suddenly I stood eye to eye with one tot, definitely younger than me, I would say two and a half;  she had managed to pull down her trunks,  bulging nappy and all,  so that I was offered a view of its contents: large, round and gleaming brown. The tot screeched with glee and stuck her forefinger in the goo – I just stood there looking on, fascinated. At that moment the women got wise to these goings on, either because they coincidentally glanced in our direction or else their mother-instinct had signalled them, whatever, and one of them came running to descend on the happy tot and her new toy. The woman admonished her with a *Yucky yucky! Don’t put your finger in that, yucky yucky!” as she lifted the child, holding it at a distance from her body with outstretched arms  to return to the house, disappearing through the backdoor.
As for me: I don’t think the incident has saddled me with a Freudian anal fixation, however, I can’t speak for the tot in question.

On my way from Bussum to Naarden, my destination, a forty minutes’ walk, I listened to people, who are in on my by now flimsy secret, talking to me on my ESP. One of them had been reading this diary and he wondered how I managed writing both in Dutch and English; would it be first the Dutch, translating  when finished into English or the other way round? Well, funny though it may seem, first the English, translating that into Dutch. For this reason: when writing in Dutch I inadvertently use words for which I have not at my immediate disposal the English equivalent, and the necessary research in online dictionaries forms an unwelcome break in the writing process. Writing in English this problem does not occur – probably because my Dutch vocabulary is broader.

By the way….who are they that address me on my ESP? As I said, people who are into my secret. What are they on about? Well, these people can be divided in two main categories: A. those who immediately flood me with their personal afflictions, their outlook on life and their need for the *light*, and B. those who focus first thing on my own personal struggles with this faculty I have:  to see and hear other people’s stuff, receiving signals from unknown dimensions and being shrouded at unexpected moments in others’ moods and agonies which might descend upon me.
So all in all, not much difference from the normal contact, hah!

My beloved lets me bathe in his good vibrations – which, I must say, is a  quite a difference from the first year and a half of serious depression, projected straight into me and secondly, from the secret exchange, to be summarized as an extended quest for himself in my mirror – needless to say the mirror was seriously defiled in the process. So now perhaps that his face has dropped out of sight he may well come to the conclusion that the woman behind the mirror is NOT the one to blame after all.
We shall see it happen.

In the Carecenter *Our Court*: my mother, in a bed standing in the recess called the *televison corner*,  eats like a horse. She cannot wait for that spoon laden with mashed food to slide into her mouth, guided there by my hand. To my right, at one of the brown fake-wooden tables a elderly gentleman does the same with his wife. That’s dementia, first he fucked her now he feeds her. (In Dutch this phrase sounds less crisp although not as blunt either. The alliteration between *fuck* and *feed* is missing, which alliteration I replaced by *vrijen*, respectable lingo for *to fuck* and the word for feeding *voeren*, oh well, things lose in translation. )
To my left the television, while feeding my mother I usually let my left eye wander off to the screen – today I had tuned in on *Everybody Loves Raymond* which I find quite funny.  Frequently nowadays Nationa Geographic features parts of its World War II series, right during supper – I am sort of following it – staff has not yet objected to the screen full of violent warscenes, horrific images from the concentration camps and Hitler orating away while the residents of the carecenter are eating or being fed, precisely the kind of people Hitler wished to rid the world of. Didn’t come off.

Collecting my stuff from the dull-blue armchair beside the TV, the man whom staff had settled in the reclining chair in the corner said to me: “You are so goodlooking.”
I thanked him.

Amsterdam, dinsdag/Tuesday 7-05-13

12.52
Sinds twee dagen sluip ik weer over mijn jachtgronden in de stad – het is meer dan een jaar geleden dat men mij daar kon aantreffen. Over het waarom van deze lange afwezigheid wil ik niet uitweiden – zulks heb ik al gedaan, in voorgaande, niet openbaar gemaakt pagina’s. De reden voor mijn tijdelijke afhaken van de straat ging diep, heel diep. Met verstrekkende gevolgen. Ofschoon ik in de schaarse zonnige middagen die dit kikkerlandje beleefde vorig jaar, langs de Amstel fietste met mijn camera. Ik moet zeggen dat Riverside Scenes geen slechte serie is geworden. Een vliegende kraai vangt altijd wel wat nietwaar.
Maar goed, ik ben blij de terugkeer naar de straat te hebben gemaakt. Een leuke ontmoeting gedaan, iemand die zijn Internet alias deelt met een schrijver van thrillers – belangrijkste werk: The Cassandra Compact. Kon niet beter van toepassing zijn op mijn persoon die incognito in deze wereld rondgaat, met haar zware last op haar schouders, door een ieder genegeerd uitgezonderd bar weinig uitverkorenen.
Maar op een dag zullen de gordijnen openschuiven.

Goed, ik laat het hier voorlopig bij, de zon schijnt, de straat roept. Mijn geliefde, die het verkiest om zich tegenover mij op te stellen als twee personen, 1 in het licht en 1 in het donker, heb ik tijdelijk met zichzelf alleen gelaten. Aan mijn gedogen is een eind gekomen.
Tot later vandaag.

23.07
Met een gevoel van berusting kan ik niet berusten. Het is al voorbij elven. Ik had het plan opgevat om onder zeil te gaan rond half elf. Maar nu ik dit dagboek heb heropend voor het publiek voel ik me verplicht om de notitie van vandaag op passende wijze te beeindigen. En in TWEE talen! Welk vermaledijd duiveltje stelde mij destijds voor om mijn dagboek notities te vertalen?

Schieten bleek geen vruchten op te leveren. Maar op de sportschool slaagde  ik erin om het volledige wiel drie opeenvolgende keren uit te voeren, waarbij ik deze stand de derde keer tien seconden aan hield. Dat was, nota bene, een hele minuut, maar met verbeten vastberadenheid haal ik die zestig seconden weer terug *voor* eind mei. Vraag me niet waarom ik per se deze prestatie wil volvoeren, die volkomen nutteloos is, en nog pijnlijk bovendien, het is een van mijn doelstellingen in het leven, in staat te zijn om mijn lichaam in een hoepel te drukken, zomaar, zonder inspanning!

Ondertussen reikt mijn geliefde op afstand naar mij met zijn astrale lichaam – Ik vraag mij af op welke wijze hij tenslotte naar mij zal reiken met zijn fysieke lichaam – ik vermoed dat hij bezig is een manier uit te dokteren, gebruik makend van zijn slinkse hersenhelft, om mij te verrassen, daarbij mijn woede om zijn ernstige wangedrag afgelopen zomer omzeilend. Althans…dat zou hij kunnen denken.
We zullen zien hoe een en ander uitpakt.

Welterusten,

Mabelia Van Amberhoven

ENGLISH

12.52
Since two days I am prowling my huntingrounds in town – it is over  a year ago that I was to be found there. About the *why* of this long absence I don’t wish to expand – I already did so, in previous, not public, pages. The reason for my temporary breaking away from the streets is deep,  very deep. And with fundamental consequences. Although I cycled along the Amstel on those scarce fine days this little country of frogs has experienced, together with my cam and I must say that Riverside Scenes turned out to not to be a bad series at all. A crow on the wing will always catch something, as the Dutch saying goes.
Anyhow, glad to have made the break back into the streets. Had a nice encounter yesterday, someone who shares his Internet alias with an author of thrillers – notable work: The Cassandra Compact. Couldn’t apply more to my person, going about in this world as incognito, her heavy load piled upon her shoulders, ignored by everyone save for some precious few, call them the Chosen.
But one day the curtains will be opened.

Okay, let’s leave it at this for the moment, the sun is shining, the street calling. My beloved, who chooses to present himself to me as two persons, 1 in the light and 1 in the dark, I have left alone with himself for the time being. There is an end to my tolerance.
Till later.

23.07
With a feeling of resignation I cannot resign. Already past eleven. I had  planned on hitting the hay at ten thirty. But now that I reopened this Diary to the public I feel totally obliged to end today’s entry in a fitting way. And in TWO languages! What dratted little imp suggested that at the time: translating my Diary entires!?

Shooting proved not to be fruitful at all. However, at the gym I managed to perform the full wheel three times in succession, holding the last one for ten seconds. That used to be a whole minute mind you, but with dogged determination I can get back to those sixty seconds befor end of May. Do not ask me why I would want to achieve this feat which is perfectly useless, apart from being painful, it is one of my aims in life, to be able to push my body into a hoop, just like that, effortless!
Meanwhile my distant beloved is reaching out to me with his astral body – I am wondering in what way he will ultimately reach out to me with his physical body – I suspect he is working on a way, using the devious part of his mind, to take me by surprise, in the process circumventing my anger at his very serious misdemeanor last summer. At least, he may assume  such.
We shall see how things work out.

Goodnight,

Mabelia Van Amberhoven

Hello world!

Welcome to WordPress.com. This is your first post. Edit or delete it and start blogging!

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.