Amsterdam, woensdag-Wednesday 16-08-17

ENGLISH

 

22.50

Lost lots of time – I tried adding a post from my newly reanimated iPad…. but nothing showed up in the editor field when I typed, very strange – I conducted a search on the Net, and one other person encountered the same oddity, and from the details added in that report it appeared that actually the text WAS there, but, as with invisible ink, not visible, since the editor supplied only *white* characters. I could update, then go to the public facing blog and see the erstwhile invisible text sitting in the new post, ha! Above the editor all the tools needed for editing were absent, so there you go.
Apparently the anomaly has to do with the fact that Safari on that iPad, version 5.1.1, is ancient and no longer compatible with a number of sites – whenever I visit Flickr I get the message that I am using an “unsupported” browser and need to update to get “the most” out of “Flickr”. Updating the browser is not possible however, since Apple has left version 5.1.1 in the cold and any other browser is not accepted either. Well, I am not too upset, as long as it serves its purpose as a showcase for my pictures, should anyone would want to see them (which is not the case, since I intentionally refrain from mentioning my artistic efforts, talking about paradoxes).

The scanning labour came to a standstill last week Thursday, when the scanners were seen to have developed defects – hopefully tomorrow the tech guy will have fixed them, or at least one of them. I am not at all enjoying this forced intermezzo.
I *did* enjoy my roller ride, early in the evening, a long way into the meadow lands, along the river – and dressed in a skirt and a blouse and black net leg wear – it was great, I should do this more often when skating: go in style.

At the supermarket, where I went, after getting back to my bike, there was this gay guy, oh my, talk about laying it on thickly – I stood behind him in line at the check out and could not hide my mirth – and for some reason he joined in with me, I still suspect because he was relishing his own exaggerated behaviour – I told him he reminded me of G., who always elicited my laughter, because he was so funny (truthfully) and he asked whether G. was still alive – a surprising question, but I responded as seriously as I could, given my attack of unintended mirth, saying that I still did not need to put in a call to the afterworld to get to G. The people in line behind me wore expressions on their faces which betrayed their compassion with my “case” as if to say “Well, she probably can’t help herself..” – a look at their understanding faces just triggered new  laughter. The gay had meanwhile packed his groceries to gracefully and effeminately leave the store, a grin on his face.

Hours later: actually, going back in my mind to that experience, writing with invisible ink, was worth repeating.  And why? Well, the total invisiblity of anything you have written, requires a new training of your memory, so that you actually remember the previous part of your text, seeing you cannot see it, duh.  Also: it will sharpen your touch typing, just like when you were following classes to master this art, and you got a little plank acr over the ke board. Hmm… I just feel that I made a couple of serious typing errors there….   

The bit in italics written with text in white. Not bad! Just three errors, and the text runs fairly smoothly. Memory sound, touch typing sound.

Amsterdam, dinsdag-Tuesday 15-08-17

02.03
Ik droomde een droom: een voormalige vriendin nam mij mee in haar auto naar een of andere locatie waar veel paarden bij elkaar stonden binnen een omheining. Plotseling was ik kennelijk de omheining in gegaan en werd omringd door reusachtige paarden, ik was angstig nu ze mij dood konden trappen. Zo plotseling als ik binnen was, was ik er ook weer uit. Mijn vriendin was nergens te bekennen en ik had geen flauw benul hoe ik weg zou komen van die eenzame plek in de rimboe – toch moet er iets op mijn pad zijn gekomen, want het volgende was dat ik in een trein bevond, een bijzonder ouderwets geval, met golvende rookwolken en open wagons – ik stapte ergens uit, aangezien mensen mij hadden gezegd dat ik dat maar moest doen want de trein zou “de andere kant” op gaan – dus kennelijk had ik mijn bestemming besproken. Opnieuw had ik geen duidelijk idee over de rest van mijn tocht huiswaarts – ik stond daar te prakkiseren, en een vista van glooiende heuvels verscheen voor mijn speurende ogen; maar was dat Noord-Holland? Zeker niet, NH was zo plat als een geplette krant! Of zou dit het zuiden van Nederland zijn, wat behoorlijke heuvelachtig is hier en daar” Ik liep enige kilometers en zag een tankstation, annex winkel. Ik ging naar binnen en kwam mijn andere vriendin tegen, M. (op moment mijn vriendin in het echte leven) – we begroetten elkaar en ze vroeg wat ik in vredesnaam deed, zo ver van huis? Dus ik zei haar dat ik niet werkelijk begreep hoe ik zo overal en nergens uit kwam…. toen gaf een winkelmedewerker die ons gesprek had opgevangen, mij enige duidelijke aanwijzingen, die, wanneer ik ze opvolgde, me naar een dorpje dat “Tweepoel” heette zouden leiden, het bezat een treinstation en bovenal: een verbinding met Amsterdam.

Ik was opgetogen, mijn zwerftochten waren voorbij! Ik dankte de gast, kuste mijn vriendin M. vaarwel (“voor nu”) en zette koers naar dit magisch oord, met de trein naar huis, “Tweepoel”.
Toen werd ik wakker. Nadat ik me had gewassen en aangekleed, kwam het bij me op om het Net af te zoek naar “Tweepoel”. Ik kreeg één resultaat: een holding firma van die naam. Niet ongunstig, wanneer we bedenken dat holdings firma’s simpelweg … geld bevatten.

Vanochtend vatte het idee bij mij post om mijn oude iPad te reanimeren, het allereerste model, model I, nog uit 2011. Ik verbond het met de oplader, stak de oplader in het stopcontact en wijdde mij aan mijn bezigheden. toen ik thuiskwam was de iPad geheel opgeladen. Maar hoe verder? Ik herinnerde mij dat ik iTunes nodig zou hebben om inhoud vanaf mijn laptop of het Net naar de iPad moest overhevelen. En ook wilde ik inloggen op mijn Apple account. Wat mislukte aangezien het was vergrendeld om “veiligheidsredenen”. Maar goed, ik slaagde erin om mijn wachtwoord opnieuw in te stellen, maar kon niet voorbij de geheime vragen om het opnieuw instellen van mijn oude account te voltooien, want de “update” knop was niet actief.
Ik besloot hulp te halen, van de beschikbare opties koos ik ervoor mij daadwerkelijk te laten bellen door Apple, ongelofelijk. Ik toetste mijn telefoonnummer in het veld,  een venster bevatte de boodschap dat ik mij in de buurt van mijn telefoon moest bevinden want ik zou gebeld kunnen worden op ieder ogenblik binnen twee minuten. Dus ik zeg zo “Ja hoor…vast wel…”, op enigszins sarcastische toon, daarmee mijn grote ongeloof uitdrukkend… nauwelijks had ik deze gedachte gedacht of… mijn telefoon ging over.
Ik kon dit amper bevatten, nam de oproep aan en zei: “Is dit een echt menselijk wezen reeds aan de lijn ?” Een bijzonder vriendelijke stem zei “ja”, zij was “een mens” en luisterde naar de naam “Tracey”.
Om een lang verhaal kort te maken, deze dame was de liefste en geduldigste persoon die je je maar kunt indenken! Nadat de update knop was gereactiveerd, wilde ik weten: zou zij kunnen helpen om iTunes aan de praat te krijgen zodat ik mijn iPad kon vullen met afbeeldingen en ook om de WiFi weer in te stellen? Ze zei dat dat zeker kon en dus krijgt dit verhaal een fortuinlijke afloop: de ipad werkt weer op volle toeren, nadat hij zo’n vijf jaar in een lade heeft doorgebracht als schijndode.
Ik vertelde haar dat ze opslag verdiende, ze lachte en zei: “Ik zal het ze doorgeven!”
Heeft Microsoft een telefonische hulplijn, vergelijkbaar met de fantastische Apple dienstverlening? Afgezien van de Microsoft telefoon-bandieten natuurlijk, die heel bereid zijn om je te helpen van je geld af te komen.

ENGLISH

02.03
I dreamed a dream: a former female friend took me in her car to some location where many horses were gathered into a corral. Suddenly I had evidently entered the corral and was surrounded by the huge horses, I felt alarmed, lest they trample me to death. As suddenly as I had been in, I was out again. My friend was nowhere to be seen, I had no idea how to get away from that lonely place in the never-never – something must have come my way, for the next thing was that I had boarded a train, a very old-fashioned affair, with billowing clouds of smoke and open carriages – I got off somewhere, seeing some people told me to get off there as the train would go “the other way” – so evidently I had discussed my destination. Once again I was clueless about the rest of the journey home – as I stood wondering, a vista of rolling hills was presented to my searching eyes; but was that North-Holland? Surely not, NH was as flat as a flattened newspaper! Or could this be the south of the Netherlands, which is quite hilly here and there? I walked for some miles and spotted a gas station, which sported a store. I went in and ran into my other female friend M. (at present my friend in real life) – we greeted each other and she asked me what the heck I was doing so far away from home? So I told her I didn’t really understand how things kept moving me around …. then the guy from the store, overhearing us, gave me some clear directions, which, if I followed them up, would lead me to a village called “Tweepoel”, it had a train station and above all: a connection with Amsterdam.

I was elated, my wanderings were over! I thanked the guy, kissed my friend M. goodbye (“for now’) and started out for this magical place, and its train bound for home, “Tweepoel”
Then I woke up. After I had washed and dressed it occurred to me to search the Net for “Tweepoel”. I got *one* search result: a holding company of that name. Not unfavourable,  if we stop to consider that holding companies usually hold… money.

(“Tweepoel” by the way would be “Twopool”, literally translated.)”

This afternoon (In fact Monday) I got it into my head to reanimate my old iPad, the very first iPad, model I,  from 2011. I connected it to the charger, plugged the charger into the power, and went about my business. When I got home the iPad was fully loaded. But how to continue? I recalled I would need iTunes for transferring content from my laptop or the Net, to the iPad. Then too, I wanted to log into my Apple account. Which failed, seeing it had been locked for “Security reasons”. Anyway, I managed to get a password reset, but could not progress beyond the secret questions to complete the resetting of my old account, because the “update” button was grayed out.
I decided to get help, from the available options I chose for Apple to actually phone me, wow. I entered my phone number; in a window it said I should be near my phone seeing I could be phoned at any time within 2 minutes. So I went like “Oh yeah, sure…..”, on a sarcastic note, expressing my big disbelief – barely had I thought this thought when…. my phone went off.
I was incredulous and took the call and said: ‘Is this a real human being already on the line?” A very friendly female voice told me “yes”, she was “human” and listened to the name of “Tracy”.
To make a long story short, this lady was the sweetest and most patient person you can imagine! After the update button was reactivated, I wondered: could she help me get this iTunes thingy to work, so that I could populate my ipad with pictures and also fix the WiFi…? She said for sure she could and so the happy end of this story being that my old iPad was once again in full working order, after some five years of suspended animation in a drawer.
I said to her she deserved a raise, she laughed and answered that she would pass it on to “them”.
Does Microsoft have a telephonic help desk comparable to the amazing Apple service? Apart from the Microsoft phone scammers of course who are eager to help you get rid of your funds.

Amsterdam, zondag-Sunday 13-08-17

16.23
Had een gesprek met R. over deze kwestie: het menselijk geweten – wordt het in ons gecreëerd door onze ouders, onze leraren, de maatschappij? Of is het ingeboren, zoals instinct? Wat dat laatste betreft, daarover kan ik kort zijn: nee. Wanneer dat zo zou zijn, dan zouden die kinderen welke zijn opgegroeid te midden van wolven, of honden of in kippenhokken (de wolfskinderen waarover je wel kunt lezen op het Net) niet hoeven te worden geresocialiseerd, dit keer om ze te integreren in de maatschappij der mensen, waar zoiets als moraliteit bestaat.

Het menselijk geweten wordt  “gecreëerd” in een menselijk wezen; het creëren van innerlijke gevoel wordt geïnitieerd meteen al bij de geboorte; tezamen met religie, is de scheiding tussen “goed” en “slecht” (op het continuüm van menselijke waarden) de elementaire hersenspoeling – of anders gebruiken wij de vriendelijker term “conditionering”-  waaraan een mens wordt blootgesteld, vanaf het begin.

In de grond komt het erop neer dat mensen voortdurend moeten omgaan met dit innerlijke conflict: ben ik een dier of ben ik iets anders, namelijk een mens? Hij zal keer op keer te maken krijgen met zijn dierlijke aandriften en hij zal ze moeten temperen, gebruik makend van zijn aangeleerd vermogen om die waarden van goed en slecht aan te wenden die hem werden ingeprent vanaf het moment dat hij de baarmoeder verliet.

Nu hebben dieren hun “instinct” om zich niet tegen de eigen soort te keren – ironisch genoeg missen mensen nu juist dit instinct en compenseren voor het gemis door hun gefabriceerde moraliteit ( vaak breken ze trouwens door die barrière heen, maar dan heet het “oorlog” en dus “geldig”, met bijbehorende aangepaste versies van “goed” en “slecht”, speciaal voor de gelegenheid).

Conclusie: een mens is half dier en half iets anders en samen is het een mens, waarbij het “half iets anders” debet is aan de voortdurende problemen.

ENGLISH

16.23
Had a talk with R. about this thing: the human conscience – is it created in us by our parents, our tutors, society? Or is it inborn, like an instinct? As to the latter, I can be short: no. If that were true, then these kids, grown up among wolves, or dogs or in chicken coops (the “feral” kids you can read about on the Net), would not need to be re-socialized, this time to integrate them  into the society of humans, where such a thing as morality exists.

The human conscience, is *created* in a human being; the creation of this inner sense is initiated immediately upon birth;  together with religion, the division between “right” and “wrong” (on the continuum of human values), is the basic brainwashing – or else use the friendlier term “conditioning”-  program a human  is exposed to, from the first.

Basically the matter boils down to the fact that humans need to constantly cope with this inner conflict: am I an animal or am I something else, namely a human? He’ll run into his animal urges time and again and he’ll need to tone them down, using his ability by learning to apply those values of right and wrong which were imprinted upon his mind since he left the womb.

Now animals have their *instinct * to not turn against their own kind – ironically humans miss precisely this instinct  and make up for the lack by their contrived morality (though often they break through that barrier, but then it’s called “war” and thus “fair” play, with its own set of adapted rights-and-wrongs, especially for the occasion).

Conclusion: a human is half animal and half something else, and together its a human, with the “something else’ accounting for the constant trouble.

Amsterdam, vrijdag-Friday 11-08-17

02.03
Onder het oppeuzelen van de heerlijke chocolade waarop mijn buren mij hadden getrakteerd, blikken werpend op de prachtige rozen die tegelijk met de chocolade werd afgeleverd is het vrij makkelijk om over de teleurstelling heen te komen van de 107 scans die waardeloos bleken. Dus machine 2 was vanaf het begin defect (lijnen door het beeld), machine 2 ontwikkelde een nare hoest na anderhalve week dienst te hebben gedaan en produceerde scans met… lijnen over het beeld, en dan blijkt machine 3, die ik vandaag gebruikte en die soepel loopt, te lijden aan een of andere verborgen kwaal en, u raadt het al, produceert scans met… lijnen over het beeld, zoals ik enige uren  geleden ontdekte, toen ik de vrucht van een uur scannen opende.
Morgen terug en alles overdoen. Zucht? Ja.

Voor de rest: R. vroeg mij of de oermens zoiets als “humor’ tot diens geestelijke bagage had kunnen rekenen – nou, ik denk van wel, niets nieuws onder de zon. Toen ook al niet.

Voor de rest: gisteren, dus de tiende, was het mijn verjaardag (vandaar de chocolade en de rozen) – ik werd gebombardeerd met felicitaties vanuit online winkelsites, die mij bedolven onder de kortingsbonnen, ha! Er was er maar één waar ik wat aan had, die van de HEMA, waarmee ik een gratis tompouce kon bekomen, samen met mijn andere aankopen – toevalligerwijze had ik inderdaad een lijstje, dus ik begaf me naar dat warenhuis, kocht mijn waren, haalde het gratis gebakje op en ging naar huis en genoot dubbel en dwars van mijn traktatie.

Ik bracht een bezoekje aan mijn bovenburen om hen iets te vragen over de aankomende aanpassingen aan de drempels (ik weet het, drie keer “aan”) en was geschokt toen de vrouwelijke helft  in tranen uitbarstte wegens rugpijn dat haar al sinds enkele maanden teistert – haar man stond ook op het punt van instorten – maar zij is een vrouw met een sterke wil die gewoonlijk niet aan pijn toegeeft. Dezer dagen moeten wel de hel voor haar zijn. Wat kon ik anders doen dan haar troosten, mijn armen om haar heen terwijl zij huilde. Ze verontschuldigde zich voor haar gebrek aan “zelfbeheersing”. Nu ja, er schuilt geen kwaad in om oprechte tranen van pijn en wanhoop te vergieten. Ik ben vertrouwd met fysieke pijn en bewonder haar trouwen om de manier waarop ze met haar lot omgaat.

ENGLISH

02.03
Munching the delicious chocolate my neighbours treated me to, and looking at the beautiful roses, which came with the chocolate, it is fairly easy to overcome the disappointment of the 107 scans which turned out lousy. So machine 1 was defect from the beginning (lines through the image), machine 2 developed a bad cough after some week and a half of service and produces scans with… lines across the image, and then machine 3, which I used today, and which runs smoothly, appears to suffer from some hidden ailment and, would you guess, produces scans with… lines across the image, as I found out some hours ago, opening the fruit of one hour’s scanning.
Back tomorrow and redo all. Sigh? Yes.

For the rest: R. asked me whether primeval man could have counted something as “humor” as his spiritual luggage  – well, I think so, nothing new under the sun. Not then either.

For the rest: yesterday, so the tenth, was my birthday (hence the chocolate and the roses) – I was bombarded with congratulations for the online shopping sites, showering me with discount vouchers, ha! Only one proved useful, the one from department store HEMA, who offered me a free piece of pastry, in with my other purchases – coincidentally I *did* actually have a list, so I betook myself to that store, did my shopping, collected the free cake, went home and thoroughly enjoyed my treat.

I paid a visit to my upstairs neighbours to ask them a question about the coming adjustments to the thresholds and was shocked to find the female half in tears because of back pains which have been racking her since a few months – her husband too was on the verge of a breakdown – now she is a strong minded woman who does not usually give in to pain. These days must be hell for her. What could I do but comfort her, my arms around her as she cried. She apologized for her lack of “self restraint”. Well, there is no harm in crying honest tears of pain and despair. I am familiar with physical pain and actually admire her for coping with her fate the way she does.

Amsterdam, maandag-Monday 07-08-17

03.47
Het werk vordert gestadig al denk ik soms dat ik erbij neerstort: het bukken en het sjouwen met enorme zware mappen vol tekeningen eist zijn tol van mijn arme rug. Alles bij elkaar gaat de klus 1806 euro kosten. En denkelijk  nog ietsjes meer….Dat had ik al zo’n beetje geraamd. Ik mag niet klagen.  Het is toch een fijn gevoel om je werk bij de hand te hebben, op een scherm, zodat je het ieder gewenst moment kunt oproepen, zonder je huis overhoop te halen om kisten en dozen en manden open te trekken.

Af en toe surf ik over het Net en dan stuit ik op zaken waar de mensen zich over opwinden, zoals: het feit dat een ruimdenkend echtpaar hun zoontje van 6 zich publiekelijk in een jurk van groen satijn vertoonde. Men sprak er schande van, ze zouden het ‘t kind niet moeten toestaan een jurk te dragen: “No, you cannot wear a dress, boys do not wear dresses, they are for girls”. Punt uit. Voor het geval men zich afvraagt wat ik van de zaak vind: ik vind het een rare zaak;  dat ouders zo’n joch z’n zin geven (als ze het tenminste niet zelf hebben voorgesteld). Een psycholoog gaf zijn gedachten prijs, wat regelrecht uit de jaren zeventig leek te komen, toen alles opeens “moest kunnen”. Heel veel slap gelul, ik dacht eerst dat zijn geouwehoer satirisch bedoeld was, maar tenslotte bleek duidelijk dat de man in volle ernst sprak toen hij ouders aanried om een diepgaand en gevoelig gesprek te voeren met hun zoontje, wanneer die jurken wilde gaan dragen, oftewel: “waarom zou je het makkelijk doen als het ook moeilijk kan”.

Gisteravond naar een video gekeken waarin Germaine Greer (“The Female Eunuch”, weten we het nog) geïnterviewd werd door een dame die Greer op nogal zalvende toon wilde laten zeggen dat ze ongelijk zou hebben wanneer zij, Greer, van mening zou zijn dat trans-vrouwen toch geen èchte vrouwen zijn en het gevoelsleven van een normale vrouw, geboren als vrouw, niet bezitten. De dame zei dat Greer met haar mening deze omgebouwde personen beslist zou beledigen. Greer: “I don’t care! People get insulted all the time, not just transgenders, but everyone, I get insulted, I am old, you won’t believe the things I get to hear, being insulted is just part of life.”
Daar zit wat in.
En zij beledigt deze transvrouwen dan ook niet, zij heeft een mening over hun gevoelsleven binnen het kader van de discussie over het onderwerp betreffende het afbakenen dan wel uitbreiding van geslachtsgrenzen (mooooie zin, kan zo in een proefschrift). Moeten deze personen met fluwelen handschoentjes worden aangepakt?

Nee hoor, hoeft niet.

ENGLISH

03.47
The work is progressing at a steady pace thought I sometimes have the idea I will crash; the bending and toting heave folios filled with drawing is taking its toll of my poor back. All in all the chore will cost about 1806 euro. And likely somewhat more… That was in fact my estimate. I shouldn’t complain. It’s a great feeling to have your work at hand, on a screen, so that you can call it up at any desired moment, without needing to upturn your house to open crates and boxes and baskets.

Now and then I surf the Net and then I stumble upon matter which people get worked up over, like: a liberal couple showing off their six year old son in public wearing a dress of green satin. Great outcry, they should not allow their kid to wear a dress: “No you cannot wear a dress, boys do not wear dresses, they are for girls.” Period. In case one wonder about my own opinion: I think it’s weird; that parents give in to the laddie (IF it was not their own suggestion to begin with). A psychologist opened his mind, which seemed to connect straight to the seventies, when everything “should be okay’. Lots of stupid drivel, at first I imagined his verbiage had a satirical edge but ultimately it became clear that the man was entirely serious when he advised parents to have a deep and sensitive talk with their little boy when he wished to go about in dresses, or: “Why do things the easy way if you can do them the hard way’.

Yesterday night I watched a video showing how Germaine Greer (“The Female Eunuch”, remember) was interviewed by a lady who, her tone unctuous, wanted Greer to say that she she would be wrong if she, Greer, would be of the opinion that trans-women still are not *real* women, thus lacking the emotional life of a normal woman, born as a woman. The lady said that Greer would certainly offend these transformed persons. Greer: “I don’t care! People get insulted all the time, not just transgenders, but everyone, I get insulted, I am old, you won’t believe the things I get to hear, being insulted is just part of life.”
There is something in that.
And she does not offend these transwomen, she holds an opinion about their emotional life within the frame of the discussion centered around fencing off or extending the gender boundaries (loooovely sentence, put it in a dissertation). Should these persons be treated with kid gloves?

No, not necessary.

Amsterdam, zaterdag-Saturday 05-08-17

22.06
Ik vroeg de medewerker aan de  balie van de printwinkel of hij even wilde controleren, stonden de scans werkelijk op de stick, ja or nee – dus hij stak de stick in de computer en opende de hoofdmap – hij vervolgde door met de muis langs de lijst sub-mappen te gaan, waarvan elk 1 mapje bevatte met slechts 1 scan van 1 tekening, maar goed, kennelijk was hij bezig te besluiten welke hij zou kiezen om te openen – ik *wist* gewoon dat hij op  de “verkeerde” map zou klikken, wat hij inderdaad deed. Namelijk die welke een grote pen toonde in de vorm van een penis. Murphy’s Wet is nog steeds actief. Het gelaat van de gast vertoonde enkele subtiele maar niettemin waarneembare zenuwtrekkingen. Daarna zette hij de muis op de eerste scan en de laatste en ik hield mij adem in, voor het geval de naakte vrouw met een schreeuwend roze bustehouder, achterover geleund op een bank, haar dames-delen helemaal open en bloot, onder een cynische tekst, zichtbaar zou worden, maar Murphy betoonde zich clement.
Misschien kwam het door de artistieke weergave van de piemel dat hij later vergat mij de kassabon aan te reiken, nadat ik had betaald – trouwens, ik vergat ook ernaar te vragen en moest een uur later terugbellen, op punt van sluiten, om de hoofdmedewerker te verzoeken alsnog een uitdraai te maken van de gegevens nog in het register, die ik maandag zou kunnen ontvangen. Natuurlijk zei ik niet: “De jongste medewerker kreeg een schok toen hij een tekening van een enorme piemel zag en dus schoot de correcte betaalprocedure uit zijn hoofd.”
Maar serieus, neem het volgende: een van mijn tekeningen die ligt te wachten om op de scanplaat te worden gelegd, beeldzijde boven naast de scanner, en stelt voor een masturberende man, waarbij niets aan de verbeelding wordt overgelaten, en een klant werpt een blik opzij in het voorbij gaan, zouden hij of zij een zaak hebben, aangenomen dat de persoon bezwaar maakt tegen de zichtbaarheid van een afbeelding die als pornografie beschouwd zou kunnen worden?
In Nederland is het tentoonstellen van dergelijk beeldmateriaal in de straat, daarbij inbegrepen openbare locaties een strafbaar feit: “Schenden van de openbare eerbaarheid”. Ik denk dat het oordeel bij de bedrijfsleider van de printwinkel ligt. In ‘s hemelsnaam Prinses Mabelia, geef *geen* aanleiding tot problemen en houd je erotische pen-en-inkt fantasieën met de beeldzijde naar b.e.n.e.d.e.n. Einde hypothetisch probleem.

 

ENGLISH

22.06
I asked the employee at the counter of the scan shop whether he could check if the scans were actually on the stick – so he stuck the stick in the computer and opened the main folder – he proceeded to run through the list of sub-folders, each containing just one scan of one drawing, anyway, apparently making up his mind which folder to select –  I just *knew* he would click on the “wrong” folder, which he did indeed. Namely the one showing a huge writing pen in the shape of a penis. Murphy’s Law is still active. Some nerves in the guy’s face twitched subtly but nevertheless, detectable. I could see. He then proceeded to open the first scan and the last and I held my breath lest the nude woman wearing a screaming pink bra, leaning backwards on a couch, her lady parts totally exposed, below a cynical text, would turn up, but Murphy relented.
Perhaps the artistic representation of the dick accounted  for his later omission to hand me the receipt after I had paid – for that matter, I too forgot to ask for it and had to call back an hour later, on the brink of closing, to request the senior employee if the data were still in the register, to make a print out as yet, for me to collect on Monday. Of course I did not say: “The junior assistant got a shock seeing a drawing of a huge dick and so the correct cashing procedure flipped out of his head.”
But seriously, consider this: one of my drawings waiting to be placed in the scanner, face up, on the table beside the scanner, depicting a masturbating man, leaving nothing to the imagination, and a client casts a glance sideways in passing… would they then have a case, assuming they objected to the visibility of a picture which could be regarded porn?
In Holland exhibiting such images in the street, including public buildings is a legal offense: “Offending the public propriety”. I guess it will be up to the supervisor of the print-shop. For god’s sake Princess Mabelia, *don’t* give rise to problems and keep your erotic pen-ink fantasies face d.o.w.n. End of hypothetical problem.

Amsterdam, dinsdag-Tuesday 01-08-17

19.56
Afgelopen avond… de fietshandschoentjes waren kwijt, die mijn handen beschermen bij het rolschaatsen, met de kussentjes aan de binnenzijde. Aangezien een truitje al niet op zijn gebruikelijke plek in het klerenrek was aangetroffen die ochtend, en nu weer miste ik iets anders, vloekte ik. Drie minuten later zat ik op mijn fiets ren en reed door de donkere polders, recht naar de plek waar ik *zou* hebben kunnen laten liggen aan de kant van de weg toen ik mijn schaatsen aandeed, daags tevoren. En daar waren ze, een donkere vlek in het gras – gedurende een ogenblik dacht ik dat het gezichtsbedrog was maar toen ik mijn hand op de donkere vlek werd deze tevreden gesteld door het gevoel van vochtig textiel. Hoera.
Terug gefietst langs de rivier, de geredde handschoenen in de zak – jeetje, wat was de nacht stil om twee uur – de rivier lag blak, geen rimpeltje verstoorde het oppervlak – geen zuchtje  wind probeerde mijn rit minder aangenaam te maken – ik overwoog zelfs om een nachtelijk rolschaatsritje te ondernemen (overweging nog steeds geldig) – geen auto te bespeuren, geen motor, geen fiets, de nacht en de rivier behoorden mij toe – wat een zegen.

De wekker ratelde mij wakker om negen uur, na slechts vijf uur slaap – en dan moest ik me nog haasten om de timmerman van de woningbouw te ontvangen, die een nieuw aanrechtblad bij me zou installeren – in de metalen gootsteenbak zat een gaatje, god weet hoe dat er in is gekomen, ik probeerde een nieuw gaatje te maken door met de punt van de schaar in het metaal te rammen, maar er ontstond niet het geringste deukje.
De timmerman kwam, installeerde het nieuwe aanrechtblad en vertrok. Ik besloot ook te vertrekken en koers te zetten naar de scanwinkel met wederom een map gevuld met tekeningen. Net toen ik mijn voordeur op slot deed, zag ik dat een man met een van de metalen koffers die werklieden altijd bij zich hebben, bij mijn buren op de bel drukte. Ik vroeg hem of mijn adres op zijn lijst stond? Dus hij bleek van de “inspectie” te zijn die was aangekondigd in een brief- het was zijn opdracht op de “veiligheid” van onze flats te inspecteren… al bij het lezen van de brief had ik voorgevoelens van een dik vet stempel op het rapport voor mijn appartement: “onveilig”. Wat natuurlijk een totale omwenteling zou inhouden, gelet op alle maatregelen die ik zou moeten nemen om de veiligheid van mijn flat te waarbrogen! Ik glimlachte en zei dat het onderwerpen van mijn flat aan een onderzoek “onmogelijk” zou zijn de komende maanden, goedemorgen mijnheer, een fijne dag nog. Einde verhaal.

Detail: nadat de timmerman het oude aanrechtblad van het keukenblok had getild, wierp ik een blik in de ruimte die de gootsteenbak had geherbergd; de nu blootgelegde afvoer staarde mij aan… en dus nu werd de reden waarom het water de laatste tijd niet was weggelopen, heel erg zichtbaar – ronde de vier spaken die het afvoergat in vieren deelde, was een dikke, zachte, groenige massa, dat deed denken aan rottende planten bij de waterkant. Ik schroefde het bovenste gedeelte van de afvoerpijp los waarna ik het kon optillen…. aldus de rest van de massa onthullend wat nu als een dikke kolom van slijmerige materie in de lucht bungelde, waaruit een kwalijke geur opsteeg. Ik begaf mij naar de badkamer en deponeerde het stuk afvoerpijp in de granieten wasbak en poogde het schoon te maken – de groene materie rolde ik in een stuk tissue om het uiteindelijk weg te gooien in de toiletpot. De timmerman keek er even naar en merkte stoïcijns  op dat het een “aardige ophoping’ was. Ja, sinds 2004, dus zijn dan 13 jaar. Toch nog een wonder dat die afvoer niet veel eerder verstopt raakte.!

ENGLISH

 

19.56
Last night… the cycling gloves were missing, the ones that protect my hands when skating, with the padding on the inside. Seeing a jumper had not been in its usual place in the clothes rack that morning, and now again, missing articles, I cursed. Three minutes later I was on my bike, riding through the dark meadow lands, right to the spot where I *might* have left them by the side of the road,  when putting on my skates, the day before. And there they were, a dark blot in the grass – for a moment I thought it was optical illusion, but when I put my hand on the dark blot it was satisfied with the feel of moist fabric. Hurray.
Cycled back along the river, salvaged gloves in pocket – my, how silent the night was, at two – the river lay still, not a ripple disturbed the surface – no a sigh of wind attempted to make my ride less enjoyable – I even considered undertaking a nocturnal skate ride (a consideration still valid) – not a car in sight, no motorcycle, no bike, I had the night and the river to myself – what a blessing.

The alarm rattled me awake at nine, after only five hours of sleep – and then I even had to hurry to receive the carpenter from the housing corporation, coming to install my new kitchen worktop – the metal sink had a hole in it, god only knows how it got there, I tried to make a new hole, jabbing the scissors points into it, but not even the slightest dent.
The carpenter came, put the worktop in place, and left. I too decided to leave and head for the scanning shop with yet another folio full of drawings. Just as I was locking my front door, a man carrying one of those metal cases, typical for work people, was ringing my neighbour’s bell. I asked him if my address was on his list? So he appeared to be the “inspection” guy, who had been announced in a letter – his mission was to inspect the “safety” of our apartments…. already when reading the letter I had been having this premonition of a big fat stamp on the report for my apartment, marking it “unsafe”. Which of course would bring about a total upheaval, what with all the measures I would need to take to ensure the safety of my flat!
I smiled and said that subjecting my apartment to an investigation would be “impossible” the coming months, good morning sir, have a nice day. End of story.

Detail: after the carpenter had lifted the old worktop from the kitchen sideboard, I cast a glance  into the space which had accommodated the sink; staring up at me was the, now fully exposed drain hole… and so the reason for the water not draining away lately, became very visible: clinging round the four spokes dividing the drain hole in four sections, was a thick, fudgy,  greenish mass, reminiscent of rotting plants at the water’s edge.  I unscrewed the the top section of the drain pipe and could lift it… thus exposing the rest of the mass, now dangling as a thick column of slimy matter, exuding an evil smell. I went to the shower room and deposited the drain section in the granite laundry basin and attempted to clean it out, rolling the green matter in a tissue to ultimately dispose of it in the toilet bowl. The carpenter took a look and stoically remarked that it was a “nice pile up”. Well yes, since 2004, so that numbers 13 years. Still a miracle that drain didn’t block much earlier!

 

Amsterdam, maandag-Monday 31-07-17

01.28
Ik wist het. Ik wist dat ik het lot tarten wanneer ik mijn tekeningen achter zou laten in de scan-inrichting, waar de medewerkers, in mijn aanwezigheid, ze zouden scannen… let op dat “in mijn afwezigheid”. Dus daarom was ik in de zevende hemel toen de scan-, druk-, en kopieerinrichting het mij toestond om zelf te scanner te bedienen.

Afgelopen zaterdag kwam ik thuis, en ik stak de USB in de poort van mijn lapto… leeg, afgezien van de 9 scans op groot formaat. Maar de andere 58 ontbraken. Gedurende het overhevelen van de groot formaat scans zullen de 58 waarschijnlijk zijn gewist. Ik vond *toch* al dat de medewerker een tikkeltje te snel in de rondte klikte.

Er is een vreemd verband met mijn besluit om nooit en te nimmer mijn Opus Magnum in andermans handen te laten – nu was het slechts de scans die makkelijk kunnen worden vervagen …. maar het hadden net zo goed de originelen kunnen zijn, had ik voor het verkeerde scenario gekozen.

ENGLISH

01.28
I knew it. I knew that it would be tempting fate to leave my pictures behind in the scan shop, where, in my absence the employees would scan them… note that ” in my absence “.  So that is why I was in the seventh heaven when the scanning and printing set up allowed me to operate the scanner myself.

Past Saturday I got home and stuck the USB in the port op my laptop…. empty, save for the 9  large format scans. But the other 58 were missing. During the transfer of the large format scans the 58 must have been deleted. I *did* think the employee clicked around a trifle too fast.

There is a weird but strong connection with my decision to never ever leave my Opus Magnum in the hand of others – now it was  just the scans which can easily be replaced…. but it could very well have been the originals had I chosen for the wrong scenario.

Amsterdam, zaterdag-Saturday 29-07-17

17.02
Ik zat daar, te midden van een landschap van portfolio’s, enorme enveloppen, stukken karton, pakken tekenpapier, rollen vloeipapier, opgestapelde pakken tekeningen, andere enveloppen (met onbekende inhoud), grote platte doezen, kleine platte dozen…. en wanhoopte zo’n beetje, met mijn pijnlijke rug, van het aanhoudende bukken en hurken en voorover buigen om al dit spul vanonder de bank vandaan te slepen en om het uit de grote rieten mand te tillen, en vroeg me af, wat nu – mijn oog was op de klok, er stond 04.00 uur en ik zou om tien uur moeten opstaan en ik was nog niet klaar. Nou, eigenlijk was ik er helemaal klaar mee.
Toen viel mijn oog op iets wat lag te blinken in de geopende folio, die gedeeltelijk op mijn knieën rustte, zoals ik zat, mijn benen onder mij gevouwen, op de huiskamervloer – ik reikte ernaar en het bleek een ring te zijn. Van zacht glanzend geel metaal. Zou dat goud kunnen zijn? En trouwens, hoe was die ring daar beland, in de vouw van een folio die ik misschien voor het laatst heb geopend tien jaar geleden? Aangenomen dat ik hem om had, miste ik hem? Meestal herken ik een teruggevonden object onmiddellijk, al dan niet enorm gemist.
Ik stond op en ging naar de keuken en nam mijn vergrootglas van de haak – ik focuste op de binnenzijde van de dunne band en stuitte op het merkje en dat meldde: “14 K”. Nou, is dat nu niet een prachtig toeval!
Rest de vraag: hoe kwam hij daar? Van mijn vinger gegleden en ik heb hem nooit gemist? Van mijn vinger gegleden en ik miste hem en hield toen op hem te missen? Ik denk het laatste.

Ik deed de ring aan mijn vinger en ging terug naar het opgraven van mijn Opus Magnum. Om een lang verhaal kort te maken: ik telde 1229 tekeningen. Met het vooruitzicht op mijn netvlies van een veelheid aan scannen, archiveren en hernieuwd opbergen om uit te voeren voor eind augustus, ging ik naar bed om 5 uur in de morgen, en om tien uur weer op voor de afspraak in het scanbedrijf.

Het ene moment is het leven een slaperig rustoord en het volgende een gekkenhuis.

ENGLISH

17.02
I sat there, amid a landscape of portfolios, huge envelopes, sheets of carton, packets of drawing paper, rolls of tissue paper, piled packets of drawings, other envelopes (with unknown contents), big flat boxes, small flat boxes…. and sort of despaired, with my aching back, from the continued bending and crouching and stooping to drag all this stuff from under the couch and to lift it out of the big wicker basket, and wondered what now – my eye was on the clock, it said 04.00 and I would have to get up at ten and I was not done yet. Well, actually I felt very “done”.
Then my eye was caught by something glimmering in the opened portfolio, partly resting on my knees, as I sat, my legs doubled up under me, on the living room floor – I reached for it and it appeared to be a ring.  Of softly gleaming yellow metal. Could that be gold? And anyway, how did that ring get there, in the fold of a portfolio which I might have opened ten years ago? Supposing I used to wear it, did I  miss it? I usually have a sound recognition when I retrieve an object, which was, either or not, sorely missed.
I got up and went to the kitchen and took my magnifying glass from the hook – focusing upon the inside of the thin band I hit upon the mark, which said “14 K”. Well, isn’t that serendipity!
Remains the question: how did it get there? Fallen from my finger and I never missed it? Fallen from my finger and I missed it, then stopped missing it? I think the latter.

I put the ring on my finger and went back to unearthing my Opus Magnum. To make a long story short: I counted 1229 drawings. With the prospect on my mind’s eye of a whole lot of scanning, archiving and renewed storing to be done, preferably before end of August, I went to bed at five am, having to rise at 10 to keep my appointment at the scanning shop.

One moment life is a sleepy haven and the next it’s a madhouse.

Amsterdam, donderdag-Thursday 27-07-17

02.15
Eindelijk gaat het gebeuren. Mijn Opus Magnun zal worden gescand, namelijk AL mijn tekeningen. Te beginnen bij morgen. Ik vond een bedoening waar ik de klus zelf mag verrichten. Ik kon mezelf er niet toe brengen om mijn levenswerk aan andere mensen toe te vertrouwen, dan naar huis gaan en er het beste van hopen. Er bestaan zo veel scenario’s die manifest kunnen worden! Iemand de koffie morst, iemand die mijn geesteskinderen in de verkeerde doos stopt, bestemd voor de versnipperaar, iemand die ze daadwerkelijk gapt en dan in mijn plaats beroemd wordt (haha, maar het zou kunnen), iemand die de map zoek maakt en hij wordt aan iemand in de VS gestuurd enz. enz. enz. Ik zou geen oog dicht doen, stress zou mijn gestel  ruïneren, en ik zou zelfs in tranen kunnen uitbarsten van pure nervositeit.
Ik wanhoopte al,  ook met het oog op het enorme aantal werken, een aardig aantal, dichtbij de duizend, waarvan sommige van een bijzonder groot formaat, maar de geweldig aardige dame van een kopieerinrichting en drukkerij in de stad (toepasselijk de “Printerette”, pas op , sinds 1902), vertelde mij dat ze voor mij een uitzondering zouden maken en een regeling zouden treffen om het scannen zelf te verrichten. Ik maakte een salto achter mijn laptop.
Hoe prachtig zal het zijn, om ze op de monitor te zien, om ze onder mijn ogen te laten doorgaan, met een muisklik, en de vruchten van  jaren en jaren en jaren van zwoegen aan mijn tekentafel te kunnen aanschouwen.

De hele afgelopen avond heb ik zowat mijn rug gebroken, graven in de gigantische rieten mand waar ze geduldig hebben liggen wachten…. ik opende een paar mappen en was verbijsterd: had ik zelf heus waar al die perfecte lijnen daar neergezet” Mijn hand moet zijn geleid door een macht buiten mijzelf, ik zou niet opnieuw die vormen zouden kunnen scheppen, daarvan ben ik zeker, De volgende verbazing daalde op mij nee toen ik de schiere hoeveelheid ontdekt: er scheen geen eind  aan de pakken met tekeningen te komen, gewikkeld in dik bruin papier. Voor elk pak maakte ik een map in een externe harde schijf, om de latere scans in op te bergen. Op dit moment is het totaal 318 tekeningen ,verdeeld over 23 mappen. En dit is nog meer een derde.
Ik vraag me af, zal die heel aardige dame haar gebaar betreuren?

Vanmiddag nam ik twee terracotta kleurige plastic plantenbakken mee van de straathoek en bracht ze naar boven – verschoonde ze van de aangekoekte aarde met de douchekop en plotseling fladderde er een nachtuiltje rond – het ging zitten op de rand van het grote gele granieten lavet – ik name een glas en een velletje papier, zette het glas over het nachtuiltje en schoof het papier voorzichtig tussen graniet en glas, waardoor ik het nachtuiltje gevangen zette. Ging naar buiten en trok het papier weg; het uiltje vloog eruit….en recht in mijn haar. Ik schudde mijn hoofd en het scheen te zijn verdwenen. Ik zei tegen R. “Het zocht mijn haar op…” en R zei dat het mij niet wilde verlaten.

Net een half uur geleden, onder het tandenpoetsen…. zag ik een nachtuiltje rond de plafondlamp fladderen—- om eindelijk op het plafond te laden, zo’n 30 centimeter van de lamp vandaan. Zou ik nu op een keukentrap klikken, toegerust met een glas water en een vel papier, om het eindelijk te bevrijden?
Na het tandenpoetsen, voltooide ik de rest van het naar-bed-gaan ritueel en ik dacht aan het nachtuiltje en ik keek omhoog, maar het plafond was leeg.

ENGLISH

02.15
Finally it is going to happen. My Opus Magnum will be scanned, namely ALL my drawings. Starting tomorrow. I found a set up where they will let me do the chore myself. I could not bring myself to entrust my life work to other people, then go home and hope for the best. There are so many scenarios which can become live! Someone spilling coffee, someone putting my brainchildren   in the wrong box, the box destined for the shredder, someone actually nabbing them and become famous in my stead ( haha, but it could happen), someone mislaying the folder and it gets sent to someone in the States, etc etc etc. I would not sleep a wink, stress would wreck my system en I might even burst into tear from sheer nervousness.
Already I despaired, also with a view to the huge number of drawings, close to one thousand, quite a few very large,  but this perfectly nice lady from a copying and printing setup in town (typically called the “Printerette”, mind you, since 1902 ), told me they would make an exception for me and arrange for me to do the scanning personally. I somersaulted behind my laptop.
How wonderful it will be, to see them on screen, get them to pass under my eyes, with a mouse click, and behold the fruit of the years and years and years of toiling at my drawing table.

All past evening I’ve half broken my back, digging in the huge wicker basket where they’ve been patiently waiting…. I opened some of the volders and was astonished: did I actually put those perfect lines there? My hand must have been guided by a power outside of myself, I could now not again creating those shapes, I am sure. The next amazement descended upon me when I discovered the sheer quantity; there seems to be no end to the packets of drawings, wrapped in thick brown paper. For each packet I create a folder in a portable external hard drive, to store the later scans. Right now the total is 318 drawings, divided over 23 folders. And this is just one third.
I wonder, will that perfectly nice lady regret her gesture?

This afternoon I picked up two terracotta coloured plastic plant boxes from the trash, and brought them upstairs – cleaned out the caked soil with the shower head and suddenly an owlet moth fluttered around – it settled on the rim of the big yellow granite basin – I took a glass and a sheet of paper, set the glass over the owlet and gently eased the paper between granite and glass, thus trapping the owlet. Went outside and drew away the paper; the owlet flew out… and straight into my hair. I shook my head and it seemed to be gone. I told R.: “It visited my hair…” and R. said that it didn’t want to leave me.

Just half an hour ago, brushing my teeth… I saw an owlet moth flutter around the ceiling lamp – could that be the same one that had sought refuge in my hair? My eyes followed the nervous creature as it circled around and around and around the lamp —- to finally land on the ceiling some 30 centimeters away from the lamp. Should I now climb onto a stepladder, equipped with a glass and a sheet of paper, to finally set it free?
The tooth cleaning done I completed the rest of the go-to-bed ritual and the owlet came to my mind and I looked up but the ceiling was empty.

Amsterdam, zond.op maand. – Sun. on Mon – 23-24-07-17

01.51
Chris Froome heeft de Tour gewonnen. Maar dat zou niet zo moeten zijn. In de watten gelegd door zijn team, Sky. De commentator noemde hoe “goed” hij het team wist te “bespelen”, zoals uitkiezen wie hem zou kunnen seconderen, wie voorop zou rijden, en waar en op wie hij kon terugvallen, en ze volgde alle zijn “aanwijzingen” op, zo goed was hij met mensen – me hoela! Het was de team leider die zorgde voor het geschuif en het geduw! Waarom zouden ze anders oortjes in hebben, als dat niet was om de instructies van de “baas” te kunnen horen? Toen hij het podium beklom op de Champs Elysees, was het gejuich, nu ja, laten we zeggen “bescheiden”.
Echter, het slechte werd opgelicht door het goede: Dylan Groenwegen (uit Amsterdam!), won de laatste etappe, een massa sprint in Parijs – dat is groots.

Het weer was niet al te goed, bewolkte luchten. Rolschaatsen staan in een hoek, ongebruikt. Een wandeling gemaakt – ik merkte dat het vervaalde rood op de oerlelijke brug over de gracht, die het park van de verkeersader scheidt, was overgeschilderd met een nieuwe laag rode verf – wat jammer; het vervalen had de brug minder opvallend gemaakt, minder afschuwelijk.

In de Orangerie stonden de Brugmansia’s in volle bloei! Ik duwde mijn neus in een van de “trompetten” en ademde in – een duizeligheid voer door mijn hoofd – de geur was overweldigend! Naast de trompet bloesem hing er nog een, maar verwelkt – voorzichtig snoof ik eraan en mijn neusgaten botsten tegen de geur van verrotting aan, bederf, dood – haastig wendde ik mijn hoofd af en begroef mijn neus in de verse, levende bloesem, om de naargeestige lucht van dood uit mijn kanalen te verdrijven. Op de grond, naast de kuip, lagen de uitgespreide vleugels van een kleine vogel – tussen de vleugels was het lijfje gereduceerd tot een amper zichtbaar skeletje van dunne vogelbotjes, de pootjes en klauwtjes staken naar voren als voor zijn laatste landing.

Eerder, aan gene zijde van het grote meer, merkte ik dat de deur van de vleermuizenkelder uit zijn voegen was gehaald, of zelfs dat ze waren verwoest. De vleermuizenkelder heeft, voor zover ik weet, nooit vleermuizen gehuisvest – het is een put uitgegraven in een hoop aarde, overwoekerd met planten – vanuit de hoop steekt een pui van bakstenen, waar de deur in de lijst past, zo ongeveer als een huis wat in een heuvel is gebouwd. Ik pakte mijn telefoon en scheen met de zaklantaarn in de kelder – verwachtte ik een levenloos lichaam aan te treffen? Of een half naakte vrouw, haar haar verward, haar ogen wijd open, wild, doodsbang en dood, het laatste wat ze nog ooit zou zien bevroren op dat versteende netvlies?
Niets van dien aard lag in de donkere ondergrondse ruimte – het licht van mijn telefoon onthulde water – waarschijnlijk een ondiepe laag op de keldervloer, aangezien ene boomstam midden in de kelder stond, steunend tegen de deurlijst. Het kwam bij me op dat dit zeker de ideale plaats was om een lijk te verbergen.

 

ENGLISH

01.51
Chris Froome won the Tour. He should not have. Molly coddled by his team, Sky. The commentator mentioned how “well” he could “play’ the team, like selecting who would second him, who would do the lead and where, whom to fall back on, and they all “followed” his directions, he was “that” good with people – my foot! It was the team leader who took care of all the shoving and pushing! Why else would they wear the ear buds, if not to catch instructions from the “boss”? When he ascended the podium on the Champs Elysees, the cheering was, well, let’s say: modest.
However, the bad was lit up by the good: Dylan Groenewegen, a Dutch cyclist (from Amsterdam!), won the final stage, a mass sprint, in Paris – that’s great.

The weather was not too good, overcast skies. Roller skates standing around, unused. Went for a walk – noticed that the fading red on the obnoxious bridge across the moat, separating the park from the thoroughfare had been redone with a fresh coat of red paint- what a shame; the fading had made the bridge less conspicuous, less awful.

In the Orangery the Angel’s Trumpet plants growing from their wooden tubs were in full bloom! I pushed my nose into one of the “trumpets” and inhaled – a dizziness swept through my head – the fragrance was killing! Beside the trumpet blossom I had chosen hung another one, but wilted – I tentatively sniffed at it and my nostrils bumped into the scent of rotting, decay, death – I hastily averted my head and buried my nose in the fresh, living bloom instead, to drive the sinister smell of death out of my ducts. On the ground, next to the tub, there were the outspread wings of a little bird – between the wings its body had been reduced to a barely visible skeleton of thin bird bones, its legs and claws sticking out as if for its last landing.

Earlier, at the far side of the big lake, I noticed that the door of the bat cellar had been lifted out of its hinges, or even that they had been busted. The bat cellar has, as far as I know, never housed bats – it is a well, dug out into a mound of earth, overgrown with plants – jutting out from the mound is a brick facade, where the door fits into its frame, not unlike a house built into a hill. I got out my phone and shone the inbuilt torch into the cellar – did I expect a lifeless body? Of a half naked woman, her hair disheveled, her eyes wide open, wild, terrified and dead, the last thing she would ever see frozen upon that stony retina?
Nothing like that lay in the dark subterranean space – the light of my phone revealed water – likely a shallow layer upon the cellar floor, since a log was standing in the middle of the cellar, resting against the door casing. It occurred to me that surely it would be the ideal place to hide a corpse.

 

Amsterdam, zaterdagnacht-Saturday night 22/23-07-17

01.36
Froome won de tijdrit in Marseille niet – een derde plaats was voor hem. Dus hij kwam uit zijn couveuse, het Sky team en… verloor. Ik zeg het weer: als die gast niet zou zijn vertroeteld door het Sky team, waarvan de renners letterlijk worden opgeofferd aan Froome, dan zou hij geen schijn van kans op een overwinning hebben. Al zijn Tour-overwinningen zijn het resultaat van laboratoriumtesten, nauwgezette planning, strategie, opofferingen, voorkeursbehandeling en bescherming. Froome lijkt een zombie, geschapen door doktoren, therapeuten, diëtisten  en toewijding, lees: voornamelijk die van anderen.
Ik zal hem nooit de kloterige opmerking vergeven over Tom Dumoulin die een zak “wegwerpluiers” zou moeten meenemen.

Vandaag gebeurde er totaal niets in mijn flat – en ik zocht geen gebeurtenissen uitpandig – toen eindelijk de afloop van de laatste etappe mij bevrijdde van de laptopmonitor, regende het.

De woningbouw kondigde aan dat er inspecteurs door de buurten zullen gaan, op bellen drukken om te vragen of ze een of ander “veiligheidsonderzoek” mogen doen in onze flats. Nee, nee, nee, alsjeblieft niets overhoop halen. Ik zal ze af moeten houden,  geeft niet hoe.

De woningbouw stuurde nog een ander bericht: eind augustus zal de galerijvloer worden verhoogd…. zodat de drempel niet langer een drempel is maar een “oprit”, ongetwijfeld om het makkelijker te maken voor het rollatorvolkje om hun flat in te komen. Wist je dat rollators je rug verpesten? Moet je eens kijken naar die koboldjes, zoals ze achter hun rollators voort schuifelen, gebukt en gebocheld. In de goede oude slechte tijden liepen oude mensen met wandelstokken, wat ze tenminste rechtop hield om aldus met een zekere mate van waardigheid  te kunnen lopen – het is er zeker niet op vooruit gegaan, zoals ze hun kleine duwkarretjes voortduwen! Een meelijwekkende aanblik en ze komen van de regen in de drup.

ENGLISH

01.36
Froome did not win the time trial in Marseille – a third place was for him. So he came out of his incubator, the Sky team, and… lost. I shall say it again: if that guy wouldn’t be mollycoddled by the Sky team, whose racers are literally sacrificed to Froome, he would not stand a chance of winning. All his tour wins are the result of laboratory testing, careful planning, strategy, sacrifice, preferential treatment and protection. Froome seems a zombie, created by doctors, therapists, dietitians and dedication, read:  mainly that of others.
I’ll never forgive him that shitty remark about Tom Dumoulin having to take with him a bag of “disposable nappies”.

Today was totally uneventful in my flat – and I did not seek events outside the premises – when finally the end of the stage set me free from the laptop monitor, it rained.

The housing corporation announced inspectors would go around in the neighbourhood, ringing bells and asking to conduct some “safety” check in our flats. No, no no, please no upheaval. I shall need to fend them off, any which way.

The housing corporation sent yet another mailing: end of August the gallery floor will be raised… so that the doorstep is no longer a step, but a “ramp”, no doubt to make it easier for the walking aid population to get into their flat. Did you know that walking aids will ruin your back? Just look at those hobgoblins, shuffling behind their walking aids, stooped and hunch backed. In the good old bad old days the old people used walking sticks, which at least would keep them upright and walk with a measure of dignity – how things have changed for the worse, pushing their little push carts! A pitiful sight to behold and it will add insult to injury.

Amsterdam, donderdagnacht – Thursday night 21-07-17

01.59
En toch nog…. het lijstje van onderwerpen waarover ik me had voorgenomen om te schrijven is niet geschreven gebleven. Natuurlijk is dat een rare constructie en ik  ben nu zo slaperig dat het in feite verbazingwekkend mag worden genoemd dat ik nog steeds blind kan typen. En vrij foutloos. Maar misschien omdat het een geautomatiseerde vaardigheid is. Ik leerde het toen ik vijftien was, op een HBS die extra cursussen aanbood voor de handel: stenografie, boekhouden, handelsrekenen en handelskennis. En zo ben ik nog steeds de meest onzakelijke persoon die je je maar kunt voorstellen; van stenografie kan ik me alleen maar de “a” herinneren, wat een kort schuin lijntje, rechts omhoog voorstelde, iedere poging tot boekhouden resulteert in vreemde, onverklaarbare verschillen tussen de linkerkolom en de rechterkolom, ik ben dankbaar dat ik überhaupt mijn boodschappenlijstje kan optellen, laat staan me bemoeien met handelsrekenen en wat betreft “handelskennis”, weet ik dat het meeste wat je koopt de prijs die je ervoor betaalt niet waard is en dat bijgevolg de rijken rijker en de armen armer worden, MAAR… ik kan nog steeds blind typen als een duivel op ieder toetsenbord. Dus!

ENGLISH

01.59
And yet…. the list of subjects I had planned to write about is unwritten about. Of course that is a weird construction and by now I am so sleepy and tired that it is fact amazing I can still touch type. And fairly faultless. But perhaps because it is an automated skill. I learned it at fifteen at my  high school which offered additional courses for commerce: stenography, bookkeeping, commercial arithmetic, and trade knowledge. And so now I am still the most un-businesslike person you can imagine; of stenography I only remember the “a” which was a short slanting line upwards to the right, any attempt at bookkeeping results in strange, inexplicable differences between the left hand and the right hand column, I am thankful I can even add up my grocery bills, let alone engage in commercial arithmetic, and as to “trade knowledge”, I know that most stuff you buy isn’t worth the price you pay for it and that by consequence the rich get richer and the poor get poorer, BUT… I can still touch type the hell out of any keyboard. Hah!

See you in the light of day (I hope).

Amsterdam, dins. op woens. -Tues. on Wed. 18/19-07

02.19
Op maandag was ik in het rolschaatsers-paradijs – een fantastische route ontdekt, helemaal glad, slechts één stukje van zo’n 400 meter slecht oppervlak – de zon scheen, weinig wind, zover het oog reikte kon ik groene groene velden zien, hier en daar wat koeien (de bofkonten, niet opgesloten in een donkere schuur), sloten gevuld met blauw water en eenden erin, en een rijtje bloemkoolvormige bomen op een verre horizon…. en ik was de blije waarnemer van al deze Nederlandse landelijke schoonheid, flitsend over een fietspad op mijn blauwe rolschaatsen.
Later die avond legde ik de meetlat langs mijn route op Google maps en het bleek dat ik 25 en een halve kilometer had afgelegd (wat deels mijn onwillige benen verklaard, op dinsdag, gisteren ).

Het kastje bevestigd aan de binnenzijde van de voordeur was kapot – de scharnieren waarmee het deurtje vast zat lieten los omdat er een barst in het hout zat dus de schroeven hielden het niet meer (klinkt dit plausibel?). Ik hurkte in de schaars verlichte hal, achter de voordeur, en probeerde de scharnieren te repareren met een schroevendraaier en andere gereedschappen. OP het laatste, mijn rug deed zeer, het deurtje lag op de keukentafel, schroeven en scharnieren verwijderd, scheel van het turen naar minieme dingetjes bij slecht licht in het halletje – maar R. stak de helpende hand uit: “Probeer het eens met plakbank…”. Nou, dat werkte, de brede, doorzichtige stroken supertape hielden het kleine deurtje van het kastje op zijn plaats – dat depot is van cruciaal belang met het oog op mijn geestelijke gezondheid Dat namelijk bevat mijn sleutels aan haakjes die uit uit de achterwand van het kastje steken – de grote sleutelbos, waaronder de sleutel van mijn voordeur, en verscheidene andere sleutels die toegang verlenen tot belangrijke kasten in mijn flat. Voor ik deze veilige bewaarplaats voor mijn sleutels had geregeld, ging ik dikwijls door het linkt, letterlijk elke dag, wanneer ik weer eens een of andere sleutel kwijt was. Het werd zo dat ik vreesde voor aan hartaanval gezien de intense stress opgewekt door mijn zenuwgestel wanneer een sleutel niet bleek te zijn waar hij moest zijn. En dat was natuurlijk de kern van het probleem: er was eenvoudigweg geen plek waar mijn sleutels zouden moeten zijn!

Op een dag, in 2004, toen ik langs een gracht in het centrum fietste, zag ik een hoop vuilnis op een hoek, en precies bovenop, dit kleine kastje van blond hout. Ik sprong van mijn fiets, zette hem weg, en pakte het interessante voorwerp van de hoop, inspecteerde het aan alle kanten – het bleek niet beschadigd, dus ik stopte het meteen in mijn fietstas.

‘s Avonds, thuis, zette ik het vast aan de binnenkant van mijn voordeur met een paar spijkers en een hamer. “Beng beng beng” zei de hamer, daarmee was het kastje bevestigd, en dolgelukkig hing ik mijn sleutelbossen aan de haken en dat was dus werkelijk het einde van mijn sleutelellende. Vanaf dat moment is het eerste wat ik doe wanneer ik thuiskom en mijn voordeur openmaak: mijn sleutels toevertrouwen aan het kastje van blond hout.  Zo zijn mijn geestelijke gezondheid en de staat van mijn zenuwen er aanzienlijk op vooruit gegaan. Dus voordat je een pot pillen open maakt of een psychiater bezoekt: het zou zomaar een praktisch probleem kunnen zijn waardoor je zo van streek raakt, dus zoek eerst naar het meest voor de hand liggende alvorens je in troebele wateren duikt.

Ik heb niet half datgene opgeschreven wat er op mijn lijstje staat, alzo zal ik het morgen in orde maken in het ochtendlicht. Ik ben doodmoe en val zowat van mijn stoel.

ENGLISH

02.19
On Monday I was in skater’s paradise – discovered a fantastic route, smooth all over, only one stretch of some 400 meters bad surface – the sun was shining, not much wind, as far as the eye could see green green fields, some cows here and there (the lucky ones not cooped  up in a dark shed), ditches filled with blue water and ducks in it, and a line of cauliflower shaped trees on a remote horizon….and I was the happy observer of all this Dutch rural beauty, flashing along a cycle track on my blue roller skates.
Later that evening I measured my route on Google maps and it appeared I had covered 25 and a half kilometers (which partly explained my unwilling legs on Tuesday, yesterday).

The little cabinet fastened to the inside of the front door got busted – the hinges that held its door in place were letting go because there was a crack in the wood so the screws didn’t hold (does this sound plausible?) . I crouched in the sparsely lit hall, behind the front door, attempting to repair the hinges with a screwdriver and other tools. In the end, my back aching, the door on the kitchen table, screws and hinges removed,  cross eyed from peering to minute thingies in a bad lit corridor, R. came to my rescue: “Try some tape…” Well, it worked, the broad, transparent strips of super tape, held the little door of the cabinet in place – that depository is of crucial importance in regard to my sanity. It namely, holds my keys on hooks protruding from the back panel of the cabinet – the big bunch of keys, among them my front door key, and various other keys for accessing important closets in my flat. Before I had arranged this safe keeping for my keys, I would freak out frequently, literally each day, when once again I had mislaid some or other key. It got so that I feared I might suffer a heart attack, seeing the intense stress triggered by my nervous system if any key appeared to not be where it should be. And that of course was the pinpoint of the problem: there simply was *not* any place where my keys should be!
One day, back in 2004, cycling along a canal in town, I noticed a heap of trash on a corner, and right on top, this little wooden cabinet of blond wood. I jumped from my bike, parked it and took the interesting article from the heap, inspecting it from all sides – it seemed to not be damaged, so I immediately put it in my bicycle bag.
In the evening, back home, I fixed it to the inside of my front door with a couple of nails and a hammer. “Bang bang bang”, said the hammer, the cabinet was then in place, and happily I hung my bunches of keys on the hooks and that was really the end of my key woes. Since then the first thing I do after returning home and opening my front door, is entrust my keys to the cabinet of blond wood. Thus my sanity and the state of my nerves have improved considerably. So before you open a pot of pills, or see a shrink, just remember: it might be still be a practical problem upsetting you, so first look for the obvious before you dive into the muddy waters.

I have not written half of what is on my list, so that will be taken care of in the morning light. I am dead tired and about to fall off my chair.

Amsterdam, zondag-Sunday 16-07-17

middernacht
Hij is hier. De tekening die zoek raakte. Hij is nog steeds zoek, maar toch is hij hier. Een volmaakt replica, zelfs nog mooier dan het origineel. Vanaf een foto vervaardigd. De drukker heeft zijn werk prima afgeleerd, ere wie ere toekomt. In de drukkerij, afgelopen vrijdag, toen de tekening in de lijst en achter glas werd gezet, merkte ik een vreemd bobbeltje – ik dacht dat het in het papier zou zitten, maar toen we de glasplaat verwijderende voor de controle, bleek het glas op die plek te zijn beschadigd.  Wat me niet verbaasd; het origineel had, 43 hele jaren lang, de wand gesierd van een appartement waar een diep ongelukkige vrouw haar leven leefde – het volgende was dat er onzorgvuldig met de tekening werd omgesprongen toen de ongelukkige eigenares verscheidde – een familielid belast met de ontruiming van het appartement, vertelde mij dat ze hem van de wand had gehaald en hem tegen de muur had gezet op de overloop in het trappenhuis en dat was de laatste keer dat iemand hem nog had gezien. Ik hoop dat er niet ooit weer iets met dat werk gebeurd, afgezien van het deukje in het glas, nu hij, in gedupliceerde vorm zijn weg terug naar de schepper heeft gevonden, mijn persoon.

Nu ik mijn vaders boot heb teruggevonden, word ik plotseling ondergedompeld in de bootwereld – ik raakte bekend met de Hillyard Owners Association, zoals de naam aanduidt, een gemeenschap van mensen die Hillyard jachten bezitten, of vroegere eigenaren, c.q toekomstige eigenaren – en ook werd ik lid van een groep gelieerd aan de HOA op Facebook. Ik vraag me af of iemand die bij de vereniging hoort, of er althans vertrouwd mee is, de Yeoman’s Maid zal kopen, het zou wel leuk zijn om haar in het vizier te houden. In het andere geval, zal ze misschien aan  onbekende horizonten verdwijnen.
Als ik al ooit had gespeeld met de gedachte haar te kopen, ben ik nu afgestapt van dat – lichtzinnige – idee. De Yeoman’s Maid moet door blauwe wateren klieven, met zeilen die opbollen in de wind, haar boeg omgeven door een mist van zoute, glinsterende nevel!

Tot zover.

Ik dweilde een plasje gemorst plantenwater van de galerij – toen ik aan het andere eind mijn slordige buurman aan zag komen, die een ondefinieerbare aura van louche activiteiten in duistere stegen, met zich mee draagt – ik stond op, zo ontspannen als mogelijk en ging mijn flat in, nog steeds de gieter in de hand – ik wilde niet bijdragen aan een scene waar men kon zien hoe ik de galerijvloer aandweilde, ogenschijnlijk ten behoeve van mijn buurmans koninklijke voeten, god verhoede het – aan de andere kant zou ik het niet erg vinden wanneer men er getuige van was hoe ik de vloer reinigde waar hij net overheen had gelopen – niet verwonderlijk met het oog op de verzameling rotzooi aan zijn deur, waartussen  je rafelige stukje poepluiers kunt onderscheiden, het product van zijn tweejarige kind.
(Ik moet het vitten op deze, en hun domme, slordige levens, staken.)

Toen ik laatste het park bezocht, sprong ik weer eens op de grote ronde stenen, gelijkend op molenstenen, die hier en daar langs de paden zijn neergelegd. Ik kwam ertoe deze kleine oefening uit te voeren, zo’n twee jaar geleden bij het zien van een vrouw die dat deed: met beide voeten tegelijk op de steen springen. In het begin haalde ik het maar net – en het was een beetje eng, stel je voor dat ik het niet zou halen, ik zou rondlopen met een behoorlijke deuk in mijn scheenbenen, of zelfs een breuk. Maar goed, om een lang verhaal kort te maken: dus deze laatste keer kon ik daadwerkelijk opspringen om dan in het *midden* van de enorme steen te landen; voorheen stonden mijn hielen iedere keer dichtbij de rand. Dit om aan te tonen hoe het rolschaatsen je beenspieren versterkt. Dank u.

Lest best: ik kwam er achter hoe deze walgelijke website “Stormfront” toch waarachtig een passage uit de Bhagavad Gita omarmt, ter ondersteuning van hun sinistere doel, namelijk ieder mens uitroeien (of hem/haar knechten), die niet 100% wit is, van binnen en van buiten. Andere auteurs wiens namen op deze zelfde wijze worden bevuild, zijn George Orwell en Abraham Lincoln. Ik zou willen weten hoe Stormfront-leden “Animal Farm” zouden lezen – ik denk dat ze alles omdraaien, en de varkens zwart maken.
Mijn observatie gaf mij weer zo’n ongemakkelijk gevoel; denkend aan het lot van je schrifturen, wanneer je ze eenmaal de grote slechte wereld in hebt gestuurd.

O, voor ik het vergeet: Bauke Mollema won de 15e etappe van de Tour (de France). Ja, ik ben blij dat mijn landgenoot de winnaar was. Ja, ik heb nationalistische tendensen. Ja, ik ben trots op mijn land. Ja, ik betreur het hoe mijn land wordt onderworpen aan globalisering en… Islamisering. Nee, ik ben geen voorstander van White Pride, Stormfront of iedere andere organisatie die tekent voor blanke overheersing.

ENGLISH

midnight
It is here. The drawing that got lost. It is still lost but still it is here. A perfect replica, even more beautiful than the original. Created from a photograph. The printer did a great job, credit where credit is due. In the printer shop, Friday last, fitting the drawing in the frame behind glass I noticed a strange bump – I thought it might be the paper, but when we removed the glass plate to check, the glass appeared to be nicked in that spot. Doesn’t surprise me; the original had, for 43 whole years, adorned the wall of an apartment where a profoundly unhappy person lived her life  – next that original drawing was not handled with care when the unhappy owner passed away – a family member, charged with clearing the apartment,  told me she  had taken it down and propped it against the wall on the landing in the stair well and that was the last anyone had seen of it. I hope nothing ever happens to that work again, nick in the glass permitting, now that it has, in duplicated form, made it back to its creator, my person.

Now that I found back my father’s boat, I am suddenly immersed in the boat scene – I became familiar with the Hillyard Owners Association, as the name suggests a community of people who own Hillyard yachts, or former owners or prospective owners – and too I joined the group linked to the association on Facebook. I wonder if someone belonging to the association, or at least familiar with it, will buy the Yeoman’s Maid, it would be nice to keep track of her. In the other case, she might vanish into lost horizons.
If ever I toyed with the idea of buying her, I have now abandoned that -frivolous- notion. The Yeoman’s Maid must cut through blue waters, the wind filling her sails, her bow surrounded by a mist of salty, glittering spray!

So far go good.

I was mopping up dripped puddles from watering the plants — at the other end of the gallery I saw my sloppy neighbour approaching, who carries with him an indefinable aura of shady activities taking place in dark alleys  — I got up, as relaxed and casual as possible, and went into my flat, still holding my watering can — I did not wish to contribute to a scene where I was witnessed to be mopping the gallery floor, ostensibly for my neighbour’s royal feet to tread on, heaven forbid – on the other hand, I wouldn’t mind being seen to clean the floor he had just walked over… not surprising with a view to the collection of junk at his door, among which you can discern frayed bits of poop nappies, the product of his two year old.
(I should stop harping on these next door people and their stupid, sloppy lives.)

When I last visited the park, I once again jumped onto the big round stones, resembling mill stones, lying around here and there, along the paths. I got to doing this little exercise, some two years ago, seeing a woman doing it: jumping on the stone, with both feet. In the beginning I barely made it – and it was a bit scary, suppose that if I didn’t make it, I’d be walking around with a fair dent in my shins, or even a fracture. Anyway, to make a long story short, so this last time I could actually jump up and land right in the *middle* of the huge stone; previously my heels would be just close to the rim. This goes to show how rollerskating will boost your leg muscles. Thank you.

Last but not least: I came to know how this revolting Website “Stormfront” actually embraces passages from the Bhagavad Gita, to support their sinister purpose, which is annihilate every human (or enslave him/her) who is not 100% white, inside and out. Other authors whose names are sullied in this way are George Orwell and Abraham Lincoln. I wonder how Stormfront members will read “Animal Farm” – I suppose they would turn it all around, and make the pigs black pigs.
My observation again served to make me uncomfortably aware of the fate of your writings, once you have sent them into the big bad world.

Oh, lest I forget: Bauke Mollema won the 15th stage of the Tour (de France). Yes, I am happy my countryman was the winner. Yes, I have nationalist tendencies. Yes, I am proud of my country. Yes, I deplore witnessing how my country is subjected to globalism and… to Islamism. No, I am not in favor of White Pride, Stormfront, or any other kind of organization that votes for white supremacy.

 

Amsterdam, zaterdag-Saturday 15-07-17

03.05
Straks schrijf ik.

ENGLISH

03.05
I shall write presently.

Amsterdam, donderdag-Thursday 13-07-17

01.07
Mijn vermoeden was juist, Chris Froome is een trol. Gevraagd door een journalist of hij Dumoulin als een bedreiging zag, antwoordde hij met: “Nou, hij moet dan wel een zak wegwerp luiers meenemen (…)“, verwijzend naar Tom’s plotseling nodig moeten gedurende een etappe in de Giro dit jaar. Ik wist het, ik wist het steeds, Froome is een eikel.

Er is een angstig gebrek aan zaken om het over te hebben. Het grootste deel van de dag hang ik rond in huis, en ik doe niet eens moeite om naar de brievenbus te gaan, ik bedoel de fysieke, de doos in de muur, voorzien van een sleuf, zodat de postbode/postvrouw de envelop in de doos-in-de-muur kan laten vallen. Alle shit komt op me af recht vanuit deze rechthoekige, platte, zwarte doos, de laptop. De goede dingen trouwens ook. Laten we niet te knorrig zijn.
De komkommerplant, die ik hield voor een sperzieboon, levert grote gele bloemen op en…. minieme komkommers. Ik staar er naar met ontzag en durf ze amper aan te raken, op gevaar dat ze van de stengel zouden vallen. Deze schuchtere augurkjes  zijn bleek, wittig-groen, bedekt met kleine zwarte pikkeltjes. Aan het ander eind van de rij manden, emmers, dozen, kommen, tonnetjes en potten, gevuld met bloeiende planten, staat een geheimzinnig groeisel – ik kan het niet identificeren. Zo’n veertien dagen geleden ontsproten er bloemen aan, ze zijn groot gegroeid en geven een aangename zoete geur af.
Ik zou gaan rolschaatsen of fietsen (wat ik gisteren deed) maar de Tour de France houdt mij aan mijn laptop gekluisterd.

Laatst hurkte ik bij mijn bloemen neer, om ze water te geven, en dan het gemorste water op te dweilen van de galerijvloer en ik keek even naar links: daar zag ik nog steeds de grijze plastic vuilniszak, uitpuilend van de afgedankte kleren van mijn buurman – zo’n twee meter verderop, hing een enorme witte tas aan de deurknop, vol troep en zelfs zakjes gevuld met poepluiers van hun peuter – de zak en de tas ontsieren hun galerij onderhand al een kleine drie weken – een bezem en een vuile emmer flankeerde de (geopende) voordeur aan de ander zijde – vanuit het huis drensde een mannelijke zanger een  drenzerige islamitisch religieus lied – mijn eigen radio, in de keuken, waarvan ik flarden kon opvangen, speelde “Jessica” van de Allman Brothers Band – ik stond op, gieter in de hand, en beoordeelde de situatie: wat leef ik een leven van weelde, vergeleken bij de spirituele armoede één deur verderop: rotzooi over hun stoep gestrooid en nare rasperige onmuzikale muziek die religieuze indoctrinatie verspreidt achter hun deur – en kijk dan eens naar mijn eigen strookje galerij, het toneel voor een dikke rij schitterende planten, iedere dag schieten ze in bloei, dan hoor ik mijn geweldige muziek die aan mijn flat ontsnapt, de erfenis van onze rijke westerse cultuur (wanneer het niet zo propagandistisch overkwam zou ik dat zinnetje hebben laten eindigen met een uitroepteken…) en dan denk ik: “Ik ben dankbaar voor mijn cultuur en ik ben bereid om ervoor te strijden.”

 

ENGLISH

01.07

My hunch was correct, Chris Froome is a troll. Asked by a reporter whether he saw Tom Dumoulin as a threat, he responded by saying: “Well, he will have to take a bag of disposable nappies with him (…)”, alluding to Tom’s sudden call of nature during a stage in the Giro this year. I knew it, I knew it all along, Froome sucks.

There is a frightful lack of anything to report. I hang around the house most of the day, not even bothering to check the mail box, meaning the physical one, the box in the wall, fitted out with a slot, for the mailman/woman to drop the envelop in the box-in-the-wall. All the shit hits me straight from this rectangular, flat, black box, the laptop. The good things too by the way. Let us not be too cranky.
The cucumber plant, which I mistook for a stringbean, is yielding big yellow flowers and… minimal cucumbers. I stare at them in awe, barely daring to touch them, lest they fall from the stalk. These timid cucumbers are pale, whitish-green, covered with little black specks. At the other end of the line up of baskets, buckets, boxes, bowls, jars and pots, filled with flowering plants, is a mysterious growth – I cannot identify it. About a fortnight ago flowers sprouted from it, they have grown tall and give off a pleasant sweet smell.
I would go out to skate or cycle (which I did yesterday) but the Tour de France keeps me shackled to my laptop.

The other day I crouched at my flowers, watering them, then mopping up the leaked water from the gallery floor and I glanced to my left: what I saw was still the gray plastic trash sack, bulging with my neighbour’s discarded clothes – some two meters further down, a huge white  bag hung from the door knob,  full of junk and even bags holding poop-nappies from their toddler  – the sack and the bag are disfiguring their gallery for something like three weeks now –  a broom and a dirty bucket flanked the (opened) front door at the other side – from within the house a droning male singer droned Muslim chants – my own radio, in the kitchen, strains of which I could still hear, was playing “Jessica” from the Allman Brothers Band – I rose to my feet, watering can in hand, and assessed the situation: what an opulent life I live, compared to the spiritual poverty right next door: junk littered all over their doorstep and nasty grating unmusical music spreading religious indoctrination behind their door – and then look at my own stretch of gallery, the scene of a thick row of gorgeous flowers, bursting into bloom every day, then hear my great music, escaping from my flat , the legacy of our rich western culture ( I wish to avoid making propaganda but I must confess I came close to ending this sentence with an exclamation mark). And my last conclusion is: “I need to be thankful for my culture and I am prepared to fight for it.”

Amsterdam, dinsdag-Tuesday 11-07-17

00.30
Het experiment is mislukt. Het was de derde keer dat ik probeerde het tot een goed einde te brengen, en de laatste. Je moet niet strijden tegen overmacht en aldus vervallen tot een trillende hoop zenuwen, waardoor het succes nog verder van huis is. Afgezien daarvan: je zou nog voorwerpen kunnen beschadigen of zelfs je eigen vlees gedurende het proces om het “aan de praat” te krijgen.
En toen ik het eindelijk “aan de praat” kreeg, na een goed uur van ijverig proberen, bleek het resultaat er gruwelijk uit te zien. Ik staarde er naar en vroeg me af of ik ermee weg zou kunnen komen. Misschien zou ik er aan moeten wennen? Ze zeggen van wijn en roken ook dat je er eerst aan moet “wennen” voor je het lekker vindt.

En dus dat was het einde van het derde en laatste valse wimpers experiment. Met pijnlijke ogen, schade aan mijn eigen wimpers, vingers waarvan mensen zouden denken dat ik in overalls onder een auto had gelegen, dumpte ik een verkreukeld setje wimpers in de vuilnisbak en ging aan de slag met de schoonmaakwerkzaamheden.
Ik bracht verzachtende lotions aan op mijn arme gefolterde oogleden, ik besefte dat ik vergeten was een paar selfies te nemen, met de valse wimpers op… maar misschien niet zo’n goed idee – misschien zou ik ze ooit onder ogen krijgen, bij het opruimen van mijn bestanden, in enigerlei toekomst, en mezelf dan zien als een enge harpij, mijn ogen die vreemd uit mijn gezicht leken te puilen, gekaderd in inktzwarte lijnen (nodig om de aanhechting van de wimpers te verhullen) – afgezien van het het harde, oude en enigszins ordinaire imago die de overmatig krullende wimpers boven mijn lichte ogen omcirkeld door de roetzwarte randen, mij verleenden. Feitelijk zou ik er liever uitzien als een enge harpij dan als een verouderde, versleten oudere vrouw zonder klasse.

Hoe DOEN die vrouwen die ik ken dat toch, elke ochtend hun valse wimpers aanbrengen, als van een leien dakje? Heb ik ongeschikte oogleden, de verkeerde valse wimpers, onhandige vingers, gebrek aan geduld?

Wat het dan ook moge zijn.

Ik moet naar bed, de loodgieter komt morgen, tussen 7.30 en 10.

 

ENGLISH

00.30
The experiment has failed. It was the third time I endeavored to bring it go a good end, and the last. One must not battle the odds and thus reduce oneself to a jittery bundle of nerves, which obviously make success even more unattainable. Aside from that, you might damage objects or your own flesh in the process of making it “work”.
And when I finally made it “work”, after a good hour of industrious trying, the result proved to look horrendous. I stared at it and wondered whether I could get away with it. Perhaps it took getting used to? They say that it takes “getting used to” before you actually enjoy wine, or smoking.

And so that was the end of the third and last false eyelashes experiment. With aching eyes, damage to my own lashes, fingers that would make people think I had been lying under a car in overalls,  I dumped the crumpled set of lashes into the trash bin en set to work cleaning up.
Applying soothing lotions to my poor tortured eyelids, I realized I had forgotten to take a few selfies, the false lashes in place…. but perhaps not a good idea – perhaps I would accidentally lay  eyes on them, tidying my files, in some future, seeing myself resembling a scary harpy, my eyes strangely popping out of my face, framed in jet black lines (necessary to hide the attachment of the lashes) – apart from the hard, old and somewhat common image which the outrageously curly lashes above my light eyes, encircled by the sooty black lines, lent me.

. As a matter of fact, I would rather look like a scary harpy than as an aged, worn older woman lacking in classiness.

How DO these women I know, manage to put on their false eyelashes each morning, as easy as kiss the back of your hand? Do I have unsuitable eyelids, the wrong false lashes, clumsy fingers, lack of patience?

Whatever.

I need to go to bed, the plumber will be due, between 7.30 and 10.

TEST

embedded via gp
then deleted from flickr

FUJI BEW ORIG 2. digionbew 5. Mei - 17-05-16 - The Moat at Moersbergen

public image – then deleted from flickr

SCENICS - digitaalonbew VIIIW - 03-10-15 - Flat Dutch

Public image to be replaced on Flickr

SCENICS - digitaalonbew VIIIW - 03-10-15 - Vintage walk

 

Public, then turning private

SCENICS - digitaalonbew VIIIW - 03-10-15 - Vintage walk

Private embedded with GP, then GP expired:

SCENICS - digitaalonbew VIIIW - 03-10-15 - Vintage walk

 

In the case of the two examples above the fix does not seem to have worked – clicking on them takes you to the Yahoo sign in page.

Renewed test, July 10 2017 – posted per GP, then expired on Flickr.

SCENICS - digitaalonbew VIIIW - 03-10-15 - Vintage walk//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Hello world!

Welcome to WordPress.com. This is your first post. Edit or delete it and start blogging!